Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/8.9.3.2
8.9.3.2 New value
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS403505:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
§ 847 (c)(1) BC.
§ 847 (a) BC definieert new value als volgt: “money or money’s worth in goods, services or new credit, or release by a transferee of property previously transferred to such transferee in a transaction that is neither void or voidable by the debtor or the trustee under any applicable law, including proceeds of such property, but does not include an obligation substituted for an existing obligation.”
Zie over de rationale achter beide uitzonderingen Burtch v. Revchem Composites, Inc., f/n/a Revchem Plastics, Inc. (In re Sierra Concrete Design, Inc.), Adv. Case No. 10-52667 (CSS) (Bankr. D. Del., 4 januari 2012).
Een tweede belangrijke uitzondering op de aantastbaarheid van preferences geldt voor betalingen waarbij “the debtor and the creditor [intended such transfer] to be a contemporaneous exchange for new value given to the debtor and in fact [was] a substantially contemporaneous exchange.”1 Bij een beroep op deze uitzondering zal de crediteur moeten stellen en bewijzen dat hij na ontvangst van de als preference aangemerkte betaling new value heeft verstrekt aan de debiteur (doorgaans een ongesecureerd krediet), en de debiteur de tegenprestatie voor deze new value op het moment van faillissement niet volledig heeft voldaan.2 Kort gezegd, indien de ontvanger van de preference daarna tegen redelijke voorwaarden nieuw krediet verstrekt aan de debiteur, zal de betaling doorgaans niet aantastbaar zijn op grond van § 847 BC.3