Einde inhoudsopgave
RvdW 2010, 674
In 2003 is verzoeker veroordeeld wegens verkrachting van een 15-jarige. Op 30 juni 2005 is in Frankrijk de wet nr. 2004-204 in werking getreden, ziende op het instellen van een nationale databank inzake zedendelinquenten. In november 2005 is verzoeker schriftelijk op de hoogte gesteld dat hij op basis van zijn veroordeling is opgenomen in de databank. Verzoeker stelt dat zijn opname in de databank in strijd is met art. 7 (geen straf zonder wet) en art. 8 (recht op respect voor het privéleven).
EHRM 17-12-2009, ECLI:CE:ECHR:2009:1217JUD001642805 (Gardel/Frankrijk)
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
17 december 2009
- Magistraten
P. Lorenzen, R. Jaeger, J.-P. Costa, R. Maruste, M. Villiger, I. Berro-Lefèvre, M. Lazarova Trajkovska
- Zaaknummer
16428/05
- LJN
BM3483
- Roepnaam
Gardel/Frankrijk
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Penitentiair recht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2009:1217JUD001642805, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 17‑12‑2009
- Wetingang
Essentie
Gardel tegen Frankrijk.
In 2003 is verzoeker veroordeeld wegens verkrachting van een 15-jarige. Op 30 juni 2005 is in Frankrijk de wet nr. 2004-204 in werking getreden, ziende op het instellen van een nationale databank inzake zedendelinquenten. In november 2005 is verzoeker schriftelijk op de hoogte gesteld dat hij op basis van zijn veroordeling is opgenomen in de databank. Verzoeker stelt dat zijn opname in de databank in strijd is met art. 7 (geen straf zonder wet) en art. 8 (recht op respect voor het privéleven).
EHRM: Kennis bij de politiële en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.