Belastingblad 2020/111
Geen proceskostenvergoeding omdat noodzaak van beroep uitsluitend voortvloeide uit handelen belanghebbende.
HR 31-01-2020, ECLI:NL:HR:2020:173, m.nt. R.A. Eskes
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
31 januari 2020
- Magistraten
Mrs. J. Wortel, A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools
- Zaaknummer
19/02444
- Noot
R.A. Eskes
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS187374:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Gemeentelijke belastingen
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:173, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑01‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2020
Essentie
Geen proceskostenvergoeding omdat noodzaak van beroep uitsluitend voortvloeide uit handelen belanghebbende.
Uitspraak
Arrest
in de zaak van
[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)
tegen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 5 april 2019, nrs. BK-18/00659 en BK-18/00669, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam (nrs. ROT 17/3717 en ROT 17/3718) betreffende aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslagen in de parkeerbelasting van de gemeente Rotterdam. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest.