V-N 2015/26.9
Adviezen van niet-EU advocaten aan Nederlandse tussenholding zijn hier belast
HR 29-05-2015, ECLI:NL:HR:2015:1356, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
29 mei 2015
- Magistraten
Van Vliet, Lourens, Punt, Van Loon, Van Kalmthout
- Zaaknummer
14/00416
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS920977:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Omzetbelasting / Plaats van levering en dienst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:1356, Uitspraak, Hoge Raad, 29‑05‑2015
ECLI:NL:PHR:2014:1956, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑10‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑10‑2014
- Wetingang
art. 9 lid 3 onder b Richtlijn 77/388/EEG (6e Rl); art. 6 lid 2 onderdeel e onder 1 Wet OB 1968
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat adviesdiensten die worden verricht door een buiten de EU gevestigde ondernemer aan een niet-ondernemer die binnen de EU is gevestigd, buiten redelijke twijfel vallen onder art. 9 lid 2 onderdeel e, derde gedachtestreepje, Zesde richtlijn en art. 56 lid 1 onderdeel c BTW-richtlijn 2006.
Samenvatting
X bv is een in Nederland gevestigde tussenholding die niet als ondernemer voor de btw kwalificeert. Bij de aankoop van een Canadese deelneming maakt X bv gebruik van adviezen van diverse buiten de EU gevestigde advocaten. De inspecteur stelt dat deze diensten in Nederland ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.