NJFS 2013/119
Nevenzittingsplaatsen na 1 januari 2013; wederrechtelijk verkregen voordeel door te beschikken over door medeverdachte afgeperst geld.
Rb. Amsterdam 12-09-2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:6493
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
12 september 2024
- Magistraten
Mrs. A.C.M. Rutten, M. Daalmeijer, M. Hoendervoogt
- Zaaknummer
13/077040-04
- LJN
BZ4902
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2024:6493, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 12‑09‑2024
ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ4902, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 19‑03‑2013
- Wetingang
Art. 36e Sr; Aanwijzingsbesluit nevenzittingsplaatsen megastrafzaken
Essentie
Bevoegdheid rechter. Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel.
1. De enkele omstandigheid dat de Rechtbank Haarlem met het vervallen van het Aanwijzingsbesluit nevenzittingsplaatsen megastrafzaken per 1 januari 2013 niet meer als nevenzittingsplaats van de Rechtbank Amsterdam kan worden aangewezen, leidt er niet toe dat de Rechtbank Amsterdam, zittinghoudende te Haarlem niet meer bevoegd zou zijn, nu de ontnemingsvordering aldaar al eerder aanhangig is gemaakt.
2. Veroordeelde heeft gelden die zijn mededader had afgeperst ontvangen op zijn bankrekeningen. Dat het geld mogelijk uiteindelijk niet voor veroordeelde bestemd was leidt niet tot de conclusie dat hij geen wederrechtelijk voordeel heeft gekregen, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.