Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/12.2.1
12.2.1 Persoonlijk belang
mr. dr. H. Tolsma, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. dr. H. Tolsma
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
ABRvS 23 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2271, AB 2017/348 m.nt. Tolsma, TBR 2017/160 m.nt. Nijmeijer, M en R 2017/138 m.nt Van ’t Lam en Van der Woerd, JB 2017/143 m.nt. Benhadi, JM 2017/110 m.nt. Blokvoort (Mestbassin te Mechelen).
ABRvS 23 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3100 (Rozenkwekerij met lichthinder).
In de memorie van toelichting bij de Awb is het als volgt verwoord: ‘ook een persoon van wie misschien nog gezegd kan worden dat hij enig belang heeft, doch zich op dat punt niet onderscheidt van grote aantallen anderen, kan niet beschouwd worden als een persoon met een rechtstreeks bij een besluit betrokken belang’. Zie PG Awb I, p. 148.
Zie o.a. Rb. Overijssel 28 oktober 2015, ECLI:NL:RBOVE:2015:4794 (Monstertruck Haaksbergen), ABRvS 3 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX8937 (Aanwijzingsbesluit hondenverbod). Voor de aanwijzing van een veiligheidsrisicogebied geldt een iets ruimere kring van belanghebbende die verklaard kan worden door de aard van het besluit. Degene die woont, werkt of daar onroerend goed bezit dan wel daar een bedrijf exploiteert, alsook degene die daar anderszins om een specifieke reden op gezette tijden moet verblijven, kan een persoonlijk belang hebben dat zich voldoende onderscheidt van andere burgers (ABRvS 9 maart 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AS9248 (Veiligheidsrisicogebied Den Helder)).
Waar grenzen worden getrokken, ontstaan afbakeningsproblemen. Wie krijgt toegang tot de bestuursrechter en wie niet? Dit speelt met name een rol bij besluiten waarbij toestemming wordt gegeven voor activiteiten met (potentiële) effecten op de fysieke leefomgeving (zoals een omgevingsvergunning voor een mestverwerkingsinstallatie, een evenementenvergunning voor een festival of een gaswinningsbesluit). Bij besluiten met (potentiële) effecten voor velen draait de beoordeling van de belanghebbendheid doorgaans om het vereiste van een persoonlijk belang.
Het uitgangspunt is dat als iemand (mogelijk) feitelijke gevolgen ondervindt van de activiteit die het besluit toestaat, diegene in beginsel ook aangemerkt wordt als belanghebbende.1 Het enkele feit dat een besluit naar zijn aard vele anderen raakt, betekent niet dat iemand die opkomt voor een individueel belang, is uitgesloten van rechtsbescherming.2 Wel moet iemand zich voldoende onderscheiden van de positie waarin een grote groep mensen zich bevindt, de zogenoemde ‘amorfe massa’ of ‘willekeurige anderen’. Het is niet de bedoeling van de wetgever om beroep open te stellen voor een ieder.3 Willekeurige anderen zijn bijvoorbeeld bezoekers van de omgeving waar het besluit betrekking op heeft. Als het gaat om een verkeersbesluit, evenementenvergunning of aanwijzingsbesluit voor een hondenverbod is enkel het (regelmatig) bezoeken van het gebied waar het besluit betrekking op heeft, onvoldoende voor het aannemen van een persoonlijk belang.4