Schadevergoeding bij de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens
Einde inhoudsopgave
Schadevergoeding bij de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens (O&R nr. 126) 2021/4.5:4.5 Synthese en conclusie
Schadevergoeding bij de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens (O&R nr. 126) 2021/4.5
4.5 Synthese en conclusie
Documentgegevens:
mr. T.F. Walree, datum 01-02-2021
- Datum
01-02-2021
- Auteur
mr. T.F. Walree
- JCDI
JCDI:ADS267340:1
- Vakgebied(en)
Privacy / Verwerking persoonsgegevens
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze bijdrage beantwoord ik de volgende onderzoeksvraag:
Wanneer kwalificeert een gedraging van de betrokkene als een ‘omstandigheid die aan de benadeelde kan worden toegerekend’ in de zin van art. 6:101 lid 1 BW?
Ik heb de ‘toerekenbare omstandigheid’ gelijkgesteld aan onzorgvuldig gedrag van de betrokkene ten aanzien van zijn persoonsgegevens. Vervolgens heb ik het (mogelijk onzorgvuldige) gedrag van de betrokkene in drie categorieën onderverdeeld. Deze categorieën zijn: (i) de verwerkingsverantwoordelijke adviseert maatregelen maar de betrokkene volgt deze niet op; (ii) een onzorgvuldig handelen van de betrokkene (zonder dat er sprake is van een advies van de verwerkingsverantwoordelijke); (iii) de betrokkene nam geen anticiperende maatregelen. Ik heb per categorie beoordeeld wanneer het gedrag van de betrokkene (mogelijk) onzorgvuldig is, en daarmee een toerekenbare omstandigheid in de zin van art. 6:101 lid 1 BW oplevert bij een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens.
Ik kom tot de conclusie dat er vóór, bij of na een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens niet snel sprake is van onzorgvuldig gedrag van de betrokkene of een aan hem toerekenbare omstandigheid. Het inroepen van een eigen schuld-verweer door de aansprakelijke verwerkingsverantwoordelijke zal daarom niet snel leiden tot een andere verdeling van de schade. De verwerkingsverantwoordelijke heeft een stevige zorgplicht te vervullen voordat hij de betrokkene onzorgvuldig gedrag kan verwijten. Het uitgangspunt is namelijk dat de verwerkingsverantwoordelijke de betrokkene proactief en op adequate wijze moet informeren en waarschuwen voordat het gedrag van de betrokkene kwalificeert als onzorgvuldig (paragraaf 4.2). Op dit uitgangspunt is echter een uitzondering mogelijk in het (bijzondere) geval waarin de betrokkene ook zonder waarschuwing of advies moet begrijpen dat zijn gedrag tot schade kan leiden (paragraaf 4.3). In dat geval kwalificeert het gedrag van de betrokkene als een toerekenbare omstandigheid. Hier kan ook sprake van zijn als de betrokkene nalaat om basale beveiligingsmaatregelen te nemen of deze zelfs actief verhindert (paragraaf 4.4).
De effectiviteit van de AVG wordt niet bedreigd door (overmatige) toepassing van eigen schuld (zie paragraaf 3.3). Eigen schuld bij een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens zal slechts in een beperkt aantal gevallen door de rechter worden gehonoreerd. Het leerstuk van eigen schuld maakt het verkrijgen van een schadevergoeding bij een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens daarom niet (in veel gevallen) onmogelijk.