V-N Vandaag 2026/694
Geen dubbele vervolging bij aansprakelijkstelling voor LB-vergrijpboete
HR 10-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:586
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 april 2026
- Zaaknummer
25/01557
- Vakgebied(en)
Invordering / Aansprakelijkheid
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Aangifte
Fiscaal strafrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:586, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑04‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1399, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑12‑2025
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de strafrechtelijke veroordeling op andere aangiftetijdvakken ziet dan de boete waarvoor X aansprakelijk is gesteld. Het gaat om sancties voor verschillende gedragingen, zodat het una-viabeginsel niet is geschonden.
Samenvatting
X is bestuurder van A BV, die een uitzendbureau exploiteert. A BV beëindigt haar activiteiten, draagt haar activiteiten over zonder goodwill te bedingen en gaat daarna failliet. In geschil is of X terecht aansprakelijk is gesteld voor de LB-naheffing en de vergrijpboete van de BV. Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt na verwijzing (zie HR 10 februari 2023, ECLI:NL:HR:2023:185) dat X terecht aansprakelijk is gesteld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.