Einde inhoudsopgave
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/5.3.2.b.v
5.3.2.b.v Geen uitzonderingen op de conflictregel
mr. S.J. Schaafsma, datum 25-06-2009
- Datum
25-06-2009
- Auteur
mr. S.J. Schaafsma
- JCDI
JCDI:ADS461626:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Kreuzer 1998, p. 2253-2254; Katzenberger 2006, p. 2126-2127.
Art. 5 lid 2 Berner Conventie (zie par. 3.2.2), art. 4bis en art. 6 Verdrag van Parijs (zie par. 4.2.2).
Schneider-Brodtmann 1996, p. 111 en p. 124. Zie ook Bergé 1996, p. 326 e.v., die in art. 19 een beperkt begunstigingsbeginsel ziet, dat alleen toepassing van een gunstigere conventionele conflictregel toelaat, waarbij hij komt tot een keuze tussen lex loci protectionis en lex fori.
Ook de tekst van art. 19 bevestigt dit waar gesproken wordt over de door de nationale wetgeving voorgeschreven bescherming. Zie ook de travaux préparatoires rond art. 19, waarin steeds over de 'législation interne' wordt gesproken, zie Actes BC 1908, p. 197-199 (voorstel België voor deze bepaling) en Actes BC 1908, p. 269 (Rapport de la Commission). Zie ook Wauwermans 1910, p. 156-159.
Zie in dit verband Strikwerda 1986; Schaafsma 1994, p. 73 e.v. Specifiek met betrekking tot het auteursrecht: De Boer 1993, p. 5.
In deze zin is de conventie c.q. het ius conventionis altijd door de Berner verdragsopstellers bedoeld, ook al ontbrak een dergelijke bepaling in de Berner Conventie van 1886. Zie Procès-verbal final, Actes BC 1884, p. 75 (Textes adoptés); zie ook p. 66 (Rapport de la Commission); Actes BC 1885, p. 45 (Rapport de la Commission); Actes BC 1885, p. 65 (Procès-verbaux, toespraak voorzitter Droz). Vgl. ook Bureau de l'Union, DdA 1895, p. 163 m.k. De bepaling werd tijdens de Berlijnse herzieningsconferentie in 1908 opgenomen, voor alle zekerheid, om mogelijke achterstelling van Unie-auteurs of Uniewerken ten opzichte van nationale auteurs of werken te voorkomen. Daarbij had men ook oog voor de volgende situatie: stel dat een genereuze nationale wet op een bepaald punt betere bescherming kent dan het ius conventionis, en dat zij voorts nationale behandeling van alle vreemde auteurs voorschrijft, ongeacht of zij tot een Unieland behoren. Die situatie deed zich bijvoorbeeld in België voor; zie Actes BC 1908, p. 197-199 (voorstel België); art. 38 van de Belgische Auteurswet 1886 (tekst in Lyon-Caen & Delalain 1889, Tome I, p. 181-182); Wauwermans 1910, p. 156 e.v. Zouden vreemde auteurs van Unielanden zich in België dan tevreden moeten stellen met het mindere ius conventionis, terwijl vreemde auteurs van niet-Unielanden de betere bescherming van Belgische wet ten deel valt? Voor de Belgische delegatie was dit alles in 1908 aanleiding een bepaling inzake minimum-bescherming voor te stellen. Zie Actes BC 1908, p. 269-270 (Rapport de la Commission) en p. 197-199 (voorstel België); zie voorts Actes BC 1948, p. 378-380 (voorstel België en Bureau); Ricketson & Ginsburg 2006, p. 301 e.v.
707. Geen uitzonderingen. De Berner Conventie en het Verdrag van Parijs maken zelf geen uitzonderingen op de conflictregel. Dat geldt voor uitzonderingen in de zin van beperkingen van haar reikwijdte, zoals wij zojuist hebben gezien (geen `Zersplitterung' dus), en ook voor uitzonderingen zoals de rechtskeuze, de rechtsgevolgen-uitzondering, de accessoire aanknoping, proper law-excepties, algemene-exceptieclausules, enz. (ook geen `Auflockerung' dus).1 De verdragen staan ook niet toe dat uitzonderingen worden gemaakt. Reeds de origine van deze conflictregel, zo moge ondertussen duidelijk zijn, verzet zich daartegen. En daarnaast verbiedt ook het in de verdragen vastgelegde onafhankelijkheidsbeginsel uitdrukkelijk elke denkbare uitzondering.2
708. Geen begunstigingsbeginsel. In dit verband kan worden opgemerkt dat de Berner Conventie óók geen uitzondering in de vorm van een begunstigingsbeginsel bevat. Dit wordt door een enkele auteur gemeend. Zo meent Schneider-Brodtmann dat artikel 19 kan meebrengen dat indien een nationale conflictregel een voor de auteur gunstiger rechtsstelsel aanwijst, dit rechtsstelsel toepassing moet vinden.3
709. Artikel 19 bepaalt dat de bepalingen van de conventie niet beletten dat een beroep wordt gedaan op een grotere mate van bescherming, die door de wetgeving van een der landen van de Unie mocht zijn voorgeschreven. Onder die wetgeving moet, zo luidt de redenering dan, 'onder omstandigheden' ook conflictenrecht worden begrepen, zodat in feite sprake is van een begunstigingsbeginsel.
710. Deze redenering is onjuist. Aldus wordt immers — zo moet Schneider-Brodtmann zelf overigens ook erkennen — een Gesamtverweisung in de conventie gesmokkeld, terwijl de conventie nu juist geen Gesamtverweisung kent. Zoals we zojuist hebben gezien, verklaart zij immers het interne auteursrecht toepasselijk (en daarop bouwt de regeling van artikel 19 voort).4
711. Dit alles klemt te meer wanneer men zich realiseert dat de Berlijnse verdragsopstellers, die artikel 19 hebben ontworpen, anno 1908 nog dachten in termen van het formele-territorialiteitsbeginsel. Een begunstigingsbeginsel past daar op geen enkele manier in — sterker nog, het was toen nog niet eens uitgevonden, en het is tot op de dag van vandaag in hoge mate omstreden.5
712. De voormelde redenering getuigt (bovendien) van een onjuist begrip van de onderhavige bepaling Immers, zij is ontworpen voor de situatie dat het toepasselijk verklaarde nationale (interne) auteursrecht op een bepaald punt een betere bescherming verleent dan het ius conventionis, en zij regelt welk van de beide beschermingsregimes in zo'n geval prevaleert. Zij laat in dat geval het toepasselijk verklaarde nationale auteursrecht prevaleren, en daarmee vormt zij een uitzondering op de hoofdregel dat het ius conventionis prevaleert boven dat nationale recht. Aldus geeft zij het minimum-karakter van het ius conventionis aan.6Artikel 19 regelt dus een geval van samenloop van het toepasselijk verklaarde nationale (interne) auteursrecht en het ius conventionis. Conflictenrechtelijke betekenis heeft deze bepaling niet.