RBP 2023/20
Europees bankbeslag. Mogen feiten en omstandigheden die zich na indiening van het verzoek om een beslagbevel hebben voorgedaan of daarna zijn vastgesteld, worden betrokken bij de beoordeling van een verzoek om intrekking of wijziging van dat bevel?
HR 02-12-2022, ECLI:NL:HR:2022:1804
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 december 2022
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, G.C. Makkink, K. Teuben
- Zaaknummer
21/04976
- Conclusie
A-G mr. E.B. Rank-Berenschot
- JCDI
JCDI:ADS692936:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Europees burgerlijk procesrecht
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:1804, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑12‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:790, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 02‑09‑2022
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑01‑2022
- Wetingang
Essentie
Europees bankbeslag. Intrekking bevel. Nova.
Mogen feiten en omstandigheden die zich na indiening van het verzoek om een beslagbevel hebben voorgedaan of daarna zijn vastgesteld, worden betrokken bij de beoordeling van een verzoek om intrekking of wijziging van dat bevel?
Samenvatting
Een gedupeerde klant verwijt zijn Cypriotische wederpartij, een aanbieder van financiële producten, dat deze zich schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken en vordert in een bodemprocedure schadevergoeding. Op verzoek van de klant heeft de voorzieningenrechter op grond van de EAPO-Vo (Verordening (EU) nr. 655/2014) conservatoir beslag bevolen op een Duitse bankrekening van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.