VFP 2026/108
Geen recht op vermindering box 3 voor niet-bezwaarmakers.
HR 25-06-2026, ECLI:NL:HR:2026:907
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 juni 2026
- Zaaknummer
25/02700
25/02701
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Box 3
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:907, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑06‑2026
ECLI:NL:HR:2026:1013, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑06‑2026
Beroepschrift, Hoge Raad, 25‑05‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:457, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑05‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:456, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑05‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:463, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑05‑2026
Essentie
Geen recht op vermindering box 3 voor niet-bezwaarmakers.
Uitspraak
X beschikt over bank- en spaartegoeden. Op grond van het Kerst-arrest verzoekt X op 24 oktober 2022 om vermindering van de aan hem opgelegde IB-aanslagen 2017-2020. De inspecteur wijst de verzoeken om ambtshalve vermindering af en verklaart de tegen de afwijzingen gemaakte bezwaren ongegrond. X gaat in beroep. De zaak van X is geselecteerd als één van de (geclusterde) zaken die als proefprocedure worden voorgelegd aan de belastingrechter ter beantwoording van de rechtsvragen van de massaalbezwaarplusprocedure. Rechtbank Den Haag oordeelt dat de inspecteur het verzoek van X om ambtshalve vermindering ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.