Intellectuele eigendom in het conflictenrecht
Einde inhoudsopgave
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/3.4.3:3.4.3 Conclusies en misverstanden rond lid 3: het land van oorsprong
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/3.4.3
3.4.3 Conclusies en misverstanden rond lid 3: het land van oorsprong
Documentgegevens:
mr. S.J. Schaafsma, datum 25-06-2009
- Datum
25-06-2009
- Auteur
mr. S.J. Schaafsma
- JCDI
JCDI:ADS467647:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
322. Ten slotte geeft artikel 5 lid 3 een regeling voor de bescherming in het land van oorsprong. De tekst werd tijdens de Stockholmse conferentie in 1967 ontworpen, maar zijn wortels gaan terug tot de artikelen 5 en 6 van de Berlijnse versie van 1908. De eerste volzin geeft aan dat de conventie niet van toepassing is op de bescherming in het land van oorsprong. Zij doet derhalve een uitspraak over het toepassingsbereik van de conventie, en zij is niet, zoals een enkeling tegenwoordig meent, een (eenzijdige) conflictregel. Ziedaar een volgend misverstand:
Misverstand 7: "Artikel 5 lid 3, eerste volzin, is een conflictregel."
323. De tweede volzin maakt een uitzondering op het uitgangspunt in de eerste volzin dat de conventie niet van toepassing is op de bescherming in het land van oorsprong: voor auteurs die geen onderdaan zijn van dit land geldt het beginsel van nationale behandeling. Aldus gelden ook in het land van oorsprong de beide in dit beginsel besloten liggende aspecten, te weten zijn conflictregel en zijn nondiscriminatiebeginsel. Dat brengt ons bij het laatste misverstand, dat parallel loopt aan het eerste misverstand:
Misverstand 8: "Het beginsel van nationale behandeling in artikel 5 lid 3, tweede volzin, bevat geen conflictregel, maar is louter een non-discriminatiebeginsel (gelijkstellingsbeginsel)."