NJB 2024/2531:Verzet tegen een strafbeschikking staat niet open als de verdachte afstand heeft gedaan van de bevoegdheid daartoe door vrijwillig aan de strafbeschikking te voldoen, art. 257e lid 1, derde volzin, Sv: uit de omstandigheid dat aan de strafbeschikking wordt voldaan, mag in het algemeen worden afgeleid dat de verdachte vrijwillig aan de strafbeschikking heeft voldaan. Als echter door of namens de verdachte gemotiveerd wordt aangevoerd dat in de concrete omstandigheden van het geval het voldoen aan de strafbeschikking niet vrijwillig was, moet de rechter onderzoeken of sprake was van vrijwilligheid en moet hij van dat onderzoek blijk geven in de uitspraak. Gelet daarop is het kennelijke oordeel van het hof dat de verdachte met de betaling van het sanctiebedrag vrijwillig aan de strafbeschikking heeft voldaan ontoereikend gemotiveerd.