NJ 2024/164
Wet zorg en dwang. Beslissing op verzoek ontslag uit accommodatie (art. 55 Wzd). Vertegenwoordiger (art. 1 lid 1 aanhef en onder e Wzd).
HR 05-04-2024, ECLI:NL:HR:2024:519, m.nt. J. Legemaate
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 april 2024
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, T.H. Tanja-van den Broek, C.H. Sieburgh, A.E.B. ter Heide, G.C. Makkink
- Zaaknummer
23/03292
- Conclusie
A-G mr. M.L.C.C. Lückers
- Noot
J. Legemaate
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS962794:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
Gezondheidsrecht / Individuele gezondheidszorg
Gezondheidsrecht / Klacht- en tuchtrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:519, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑04‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:38, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 12‑01‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 23‑08‑2023
- Wetingang
Essentie
Wet zorg en dwang. Beslissing op verzoek ontslag uit accommodatie (art. 55 Wzd). Vertegenwoordiger (art. 1 lid 1 aanhef en onder e Wzd).
Samenvatting
Een verzoek tot ontslag uit de accommodatie kan worden gedaan door de betrokkene zelf of door diens vertegenwoordiger (art. 48 lid 1 en 2 Wzd). Indien de betrokkene een wettelijk vertegenwoordiger heeft, kan hij niet een ander machtigen om in zijn naam een verzoek tot ontslag uit de accommodatie te doen. Nu in dit geval betrokkene een mentor had, die in aangelegenheden betreffende haar verzorging, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.