Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/3.3.3
3.3.3 Verschaffers van risicodragend kapitaal
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS376970:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Van der Korst, Abma & Raaijmakers (2012), p. 165-166.
Van den Ingh, diss. (1991), p. 171.
Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIa (2013), nr. 286.
Uit de titel van beheer vloeit voort dat ook het risico van waardedalingen van de aandelen bij de certificaathouder ligt. Zie Van den Ingh, diss. (1991), p. 171. Zie ook Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* (2009), nr. 659.
Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* (2009), nr. 203 en 662.
Anders: Koster (2014), onder punt 5, die meent dat er een verschil is tussen een gelijkstelling met een aandeelhouder of certificaathouder. Zo ook Van Schilfgaarde in nr. 3 van zijn noot onder HR 11 april 2014, NJ 2014/296 (Slotervaartziekenhuis). Ik zie in economische zin echter geen onderscheid tussen een aandeelhouder of certificaathouder. Beide zijn verschaffer van risicodragend kapitaal.
Zie voor een uitgebreide bespreking van de geschiedenis van de certificaathouders in het enquêterecht § 3.2.2.
In gelijke zin A-G Timmerman in sub 3.6 van zijn conclusie voor HR 10 september 2010, JOR 2010/337 m.nt. Brink (Butôt).
Aandeelhouders en certificaathouders verschaffen het eigen vermogen aan de vennootschap. In ruil daarvoor participeren zij in de vennootschap door het nemen van aandelen of certificaten. Zij dragen het risico op waardedaling van de aandelen of certificaten en hebben een winstrecht.1 Alle uitkeringen die op de aandelen worden gedaan dienen ten goede komen aan de aandeelhouder, of als de aandelen zijn gecertificeerd, aan de certificaathouder.2 Een aandeel vertegenwoordigt als het ware de gerechtigdheid van de aandeelhouder in de vennootschap. Het is een schuldvordering ten laste van de vennootschap.3 Het certificaat is eveneens een schuldplichtigheid van de eigenaar van het aandeel, doorgaans een stichting administratiekantoor (verder: ‘Stak’). Deze schuldplichtigheid houdt in dat het Stak het aandeel houdt voor rekening en risico van de certificaathouder.4 Laatstgenoemde heeft daarom een vorderingsrecht op de opbrengsten van de aandelen, zoals de aandeelhouder dat heeft met betrekking tot de winst. Het certificaat is daarmee, evenals een recht van aandeel, een vermogensrecht in de zin van art. 3:6 BW.5 Het voorgaande maakt de certificaathouder, evenals de aandeelhouder, een verschaffer van risicodragend kapitaal.6 Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat deze kapitaalsgelijkstelling ook de reden was om certificaathouders de enquêtebevoegdheid te geven.7 Een uitgangspunt van het enquêterecht is dus dat aan de verschaffer van risicodragend kapitaal de enquêtebevoegdheid toekomt.8