Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/5.5.2:5.5.2 Keuzevrijheid als derde grondslag? Twijfelpunten
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/5.5.2
5.5.2 Keuzevrijheid als derde grondslag? Twijfelpunten
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS495875:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie § 6.3 hierna.
Zie § 9.3 hierna.
Vgl. pt. 9 van de dissenting opinion van rechter Martens bij EHRM 17 december 1996 (Saunders t. Verenigd Koninkrijk),BNB 1997/254 (m.nt. Feteris); NJ 1997, 699 (m.nt. Knigge). Daarin wijst hij op de in de literatuur en rechtspraak ontwikkelde veronderstelling dat het respecteren van de menselijke waardigheid en autonomie vereist, dat elke verdachte geheel vrij moet zijn om te kiezen welke proceshouding hij zal aannemen met betrekking tot de tegenover hem geuite criminal charge.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tegen de opvatting van Buruma kan worden ingebracht dat volgens het EHRM ook in Allan sprake was van dwang tot zelfbelasting, zij het niet direct.1 Hierdoor komen de twee eerder genoemde grondslagen in beeld. Juist bij een verhoor zonder verdedigingswaarborgen (cautie, verhoorbijstand), kan de betrouwbaarheid van verklaringen in het geding komen, althans wanneer de verdachte onder druk wordt gezet om te verklaren. Evengoed kan volgens het EHRM klagers procesautonomie in het geding zijn geweest. Ter vergelijking: in enkele zaken waarin sprake was van een directe confrontatie van de autoriteiten met de verdachte, wijst het Hof op onder meer de gevolgen van de op de verdachte uitgeoefende dwang voor diens keuze om zichzelf al dan niet te belasten.2 Deze keuze(vrijheid) raakt rechtstreeks aan de procespositie van de verdachte ten opzichte van de autoriteiten.3
Zo bezien is het begrippenpaar ‘informed choice’ niet meer of anders dan een precisering of afgeleide van de betrouwbaarheid en de procesautonomie als grondslagen in – voor de verdachte niet-kenbare – verhoorsituaties zonder formele waarborgen. In het vervolg zal ik ervan uitgaan dat het recht tegen gedwongen zelfbelasting (uiteindelijk) steunt op deze twee grondslagen.