Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/10.3.5.4:10.3.5.4 Aanbevelingen
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/10.3.5.4
10.3.5.4 Aanbevelingen
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS607830:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingen van rechtsverkeer / Overdrachtsbelasting
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals eerder is opgemerkt, ben ik voorstander van een uniforme uitleg van het begrip ‘partner’ in het belastingrecht. In dit verband zou voor de vrijstelling van art. 15 lid 1 onderdeel g WBR ook kunnen worden verwezen naar een dergelijk uniform partnerbegrip. De contouren van dit begrip heb ik uitgewerkt in hoofdstuk 6:
De echtgenoot en geregistreerde partner en de ‘ongehuwd samenlevende’, ofwel de ‘levensgezel’ met wie de belastingplichtige een ‘gezamenlijke huishouding’ voert, worden als ‘partner’ aangemerkt.
De keuzemogelijkheid voor ongehuwde partners is eenmalig: herziening van de keuze is slechts mogelijk bij beëindiging van de relatie.
De keuzemogelijkheid is bovendien afhankelijk van nadere voorwaarden, zoals meerderjarigheid, het voeren van een ‘gezamenlijke huishouding’ in de zin van art. 26, paragraaf 2 lid 3 Leidraad INV 1990 en inschrijving op hetzelfde woonadres in de gemeentelijke basisadministratie.