De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer
Einde inhoudsopgave
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/4.4.3.3:4.4.3.3 Vergelijking met het eigen recht van art. 6 Wam
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/4.4.3.3
4.4.3.3 Vergelijking met het eigen recht van art. 6 Wam
Documentgegevens:
mr. F.J. Blees, datum 29-04-2010
- Datum
29-04-2010
- Auteur
mr. F.J. Blees
- JCDI
JCDI:ADS401829:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie HR 3 december 1982, NJ 1983, 400, HR 12 juni 1987, NJ 1988, 39 en Hof Amsterdam 28 april 1983, VR 1984, 21.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 6 Wam kent aan de benadeelde een eigen recht toe. Hiervoor, zie paragraaf 4.43.1, kwam reeds de kwalificatie van De Bosch Kemper & Gruben van het eigen recht van art. 6 Wam als 'eigenaardig recht' ter sprake: het eigen recht heeft een inhoud die tenminste de door de Wam voorgeschreven inhoud heeft en kan dus ruimer zijn dan de aanspraak die de verzekerde zelf aan de polis kan ontlenen.
Het Nederlandse eigen recht heeft in de loop der jaren een geheel eigen inhoud gekregen, die de aanspraak van de derde tegen de verzekeraar in een aantal opzichten geheel los heeft gekoppeld van die van de verzekerde op de verzekeraar. Zo leidt vermenging van vordering en schuld in een huwelijksgemeenschap, of doordat de benadeelde erfgenaam wordt van de aansprakelijke, niet tot verlies van de aanspraak op de verzekeraar.1 In een aantal situaties kan de benadeelde zelfs aanspraken op de verzekeraar krijgen als de verzekeringsdekking in het geheel niet (meer) bestaat. Zo kan de benadeelde een aanspraak tegen de verzekeraar geldend maken als registratie van de verzekeraar bij de RDW heeft plaatsgevonden, behoudens als de registratie ten onrechte is geschied. Zie art. 13 lid 7 Wam. Ook valt te wijzen op het narisico van art. 13 lid 4 Wam.
Het is de vraag of een dergelijke uitbreiding van het eigen recht bij het geheel ontbreken van dekking ook onder de rechtstreekse vordering van art. 18 van de Richtlijn kan worden gebracht. Het lijkt mij dat de Richtlijn er niet aan in de weg staat dat de benadeelde een ruimere bescherming wordt geboden.