Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/13.4.1
13.4.1 De status van vormvoorschriften en artikel 23 EEX-r/17 Verdrag
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS416854:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Audit, Dip, p. 438; Droz, Compétence Judiciaire, p. 125, nr. 199; Schmidt, Schweigen und Gerichtsstandsklausel, p. 175; Verschuur, Choice of forum, p. 269; Droz, Rev. Crit. 1989, p. 28, nr. 40; Gothot/Holleaux, La Convention, p. 100; Erauw, Beginselen van internationaal privaatrecht, p. 70; Kropholler, EZPR, p. 287, nr. 32; Biflow, RabelsZ 1965, p. 493; Jeantet, CDE 1972, p. 406; Ras, TvP 1986, p. 890; Hansen, TVVS 1984, p. 248; Rapport Schlosser, p. C 59/125.
Koch, IPRax 1993, p. 21; Van Houtte, Europese IPR-Verdragen, p. 56; Rb. Rotterdam 17 juni 1994, NIPR 1995, 272; Stiive, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 23; Basedow, IPRax 1985, p. 137.
HvJ EG 24 juni 1981, zaak 150/80, Elefanten Schuh/Jacqmain, Jur. 1981, p. 1671, NJ 1981, 546.
HvJ EG 20 februari 1997, zaak C-106/95, MSG/Les Gravières, Jur. 1997, p. 911, NJ 1998, 565.
Het is niet duidelijk welke status de opstellers van het EEX hebben beoogd voor de vormvoorschriften van art. 17 EEX. Over de status van de vormvoorschriften bestaan grosso modo de volgende opvattingen:
De vormvoorschriften van art. 17 EEX hebben slechts een bewijsfunctie. Zij zijn op te vatten in enge zin en laten de mogelijkheid open dat een forumkeuze is gesloten zonder dat aan de vormvoorschriften is voldaan. Ook uit andere bewijsmiddelen kan blijken dat een forumkeuze tot stand is gekomen. Deze benadering is gekozen in art. 8 lid 5 Rv.1
Hiermee verwant — maar niet te vereenzelvigen — is de visie dat de vormvoorschriften een minimum waarborg zijn voor het bestaan van wilsovereenstemming. De vormvoorschriften zijn het (minimale) bewijs dat wilsovereenstemming aanwezig is. Echter, in deze visie bestaat ruimte voor de mogelijkheid dat geen wilsovereenstemming is bereikt, terwijl aan de vormvoorschriften is voldaan. Een mondelinge forumkeuze (zelfs indien bewezen) is anderzijds nooit geldig krachtens art. 23 EEX-V°/17 Verdrag,2 omdat niet aan de vormvoorschriften is voldaan.
De vormvoorschriften van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag bevatten niet alleen een uitputtende regeling voor de vorm van de forumkeuze, maar ook voor de wilsovereenstemming. Tussen vormvoorschriften en wilsovereenstemming bestaat in deze visie (juridisch) geen ruimte. EEX-V°Nerdrag regelt dit met één materiële, uniforme regel. Voor nationaal recht bestaat geen ruimte, ook niet ten aanzien van de wilsovereenstemming. De wilsovereenstemming bestaat — althans wordt geacht te bestaan — zodra aan de vormvoorschriften is voldaan.3
Mijns inziens is de eerste opvatting onjuist, omdat de mogelijkheid wordt opengelaten dat een forumkeuze totstandkomt — mits bewezen — zonder dat aan de vormvoorschriften voor forumkeuze is voldaan. De vormvoorschriften regelen uitputtend4 en uniform de vorm waarin een forumkeuze tot stand kan komen. Daarmee zijn forumkeuzen zonder inachtneming van de voorgeschreven vorm uitgesloten. De derde opvatting is niet te verenigen met het arrest MSG/Les Gravières5 waarin het Hof van Justitie overwoog dat de versoepeling van de vormvoorschriften geen afbreuk heeft willen doen aan de totstandkoming van wilsovereenstemming. Het Hof van Justitie heeft wilsovereenstemming niet gelijk gesteld aan voldoening aan de vormvoorschriften. Dat is anders — zoals gezegd — onder de derde opvatting.
Naar mijn mening is tweede opvatting de juiste. De vormvoorschriften zijn een weerlegbaar, minimum geldigheidsvereiste. Zij bewijzen in beginsel dat wilsovereenstemming is bereikt, maar laten tegenbewijs open. In dat geval zal de bewijslast voor het ontbreken van wilsovereenstemming liggen bij degene die zich op het ontbreken van wilsovereenstemming beroept, conform de algemene regel van Nederlands bewij s-recht. Daaruit blijkt dat wilsovereenstemming en vormvoorschriften gescheiden onderwerpen zijn: de samenhang bestaat uit het waarborgen door de vormvoorschriften van de wilsovereenstemming.