Einde inhoudsopgave
Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2772 tot aanvulling van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft standaarden voor duurzaamheidsrapportage
Aanhef
Geldend
Geldend vanaf 25-12-2023
- Bronpublicatie:
31-07-2023, PbEU L 2023, VO23-2772 (uitgifte: 22-12-2023, regelingnummer: VO23-2772)
- Inwerkingtreding
25-12-2023
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
31-07-2023, PbEU L 2023, VO23-2772 (uitgifte: 22-12-2023, regelingnummer: VO23-2772)
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
(Voor de EER relevante tekst)
Gedelegeerde Verordening van de Commissie van 31 juli 2023 tot aanvulling van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft standaarden voor duurzaamheidsrapportage
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (1), en met name artikel 29 ter, lid 1, eerste alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
- (1)
Richtlijn 2013/34/EU, gewijzigd door Richtlijn (EU) 2022/2464 van het Europees Parlement en de Raad (2), schrijft voor dat grote ondernemingen en beursgenoteerde kleine en middelgrote ondernemingen waarvan de effecten zijn toegelaten tot de handel op de gereglementeerde EU-markten, alsmede moederondernemingen van een grote groep, in een specifiek deel van hun bestuursverslag of geconsolideerd bestuursverslag de informatie opnemen die nodig is om inzicht te krijgen in de effecten van de ondernemingen op duurzaamheidskwesties, alsmede informatie die nodig is om inzicht te krijgen in de wijze waarop duurzaamheidskwesties van invloed zijn op de ontwikkeling, prestaties en positie van de onderneming. Ondernemingen moeten deze informatie overeenkomstig standaarden voor duurzaamheidsrapportage opstellen vanaf het in artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) 2022/2464 voor elke categorie onderneming vermelde boekjaar.
- (2)
De Commissie moet tegen 30 juni 2023 een eerste reeks standaarden vaststellen die specificeren welke informatie ondernemingen overeenkomstig artikel 19 bis, leden 1 en 2, en artikel 29 bis, leden 1 en 2, van die richtlijn moeten rapporteren en die ten minste de informatie omvat die financiële-marktdeelnemers nodig hebben om te kunnen voldoen aan de openbaarmakingsverplichtingen van Verordening (EU) 2019/2088 van het Europees Parlement en de Raad (3).
- (3)
De Commissie heeft rekening gehouden met het door EFRAG verstrekte technische advies. Het onafhankelijke technische advies van EFRAG voldoet aan de criteria vastgesteld in artikel 49, lid 3 ter, eerste, tweede en derde alinea, van Richtlijn 2013/34/EU. Om evenredigheid te borgen en om de correcte toepassing van de standaarden door ondernemingen te bevorderen, heeft de Commissie aan het technische advies van EFRAG aanpassingen aangebracht wat betreft de benadering van materialiteit, de infasering van bepaalde vereisten, de omzetting van bepaalde vereisten in vrijwillige datapunten, de invoering van flexibiliteit voor een aantal rapportage-eisen, de invoering van technische aanpassingen om coherentie met het wetgevingskader van de EU en een grote mate van internationale normeringsinitiatieven te verzekeren, alsmede redactionele aanpassingen.
- (4)
Deze standaarden voor duurzaamheidsrapportage voldoen aan de vereisten van artikel 29 ter van Richtlijn 2013/34/EU.
- (5)
Bijgevolg moeten gemeenschappelijke standaarden voor duurzaamheidsrapportage worden vastgesteld.
- (6)
Overeenkomstig artikel 29 ter, lid 1, vierde alinea, van Richtlijn 2013/34/EU mag deze verordening niet eerder in werking treden dan vier maanden na de vaststelling ervan door de Commissie. Aangezien artikel 5, lid 2, van Richtlijn (EU) 2022/2464 voorschrijft dat bepaalde categorieën ondernemingen deze standaarden voor duurzaamheidsrapportage toepassen voor boekjaren die op of na 1 januari 2024 beginnen, moet deze verordening in werking treden op de derde dag volgende op die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
- (7)
Overeenkomstig artikel 49, lid 3 ter, vierde alinea, van Richtlijn 2013/34/EU heeft de Commissie de in artikel 24 van Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad (4) bedoelde deskundigengroep van de lidstaten inzake duurzame financiering samen met het in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement en de Raad (5) bedoelde regelgevend comité voor financiële verslaggeving geraadpleegd. Overeenkomstig artikel 49, lid 3 ter, vijfde alinea, van Richtlijn 2013/34/EU heeft de Commissie de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA), de Europese Bankautoriteit (EBA) en de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (Eiopa) om advies verzocht, en met name wat betreft de samenhang ervan met Verordening (EU) 2019/2088 en de op grond van die verordening vastgestelde gedelegeerde handelingen. Overeenkomstig artikel 49, lid 3 ter, zesde alinea, van Richtlijn 2013/34/EU heeft de Commissie ook het Europees Milieuagentschap, het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, de Europese Centrale Bank, het Comité van Europese auditorstoezichthouders en het krachtens artikel 20 van Verordening (EU) 2020/852 opgerichte platform voor duurzame financiën geraadpleegd,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Voetnoten
PB L 182 van 29.6.2013, blz. 19.
Richtlijn (EU) 2022/2464 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 537/2014, Richtlijn 2004/109/EG, Richtlijn 2006/43/EG en Richtlijn 2013/34/EU, met betrekking tot duurzaamheidsrapportering door ondernemingen (PB L 322 van 16.12.2022, blz. 15).
Verordening (EU) 2019/2088 van het Europees Parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende informatieverschaffing over duurzaamheid in de financiëledienstensector (PB L 317 van 9.12.2019, blz. 1).
Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2020 betreffende de totstandbrenging van een kader ter bevordering van duurzame beleggingen en tot wijziging van Verordening (EU) 2019/2088 (PB L 198 van 22.6.2020, blz. 13).
Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 19 juli 2002 betreffende de toepassing van internationale standaarden voor jaarrekeningen (PB L 243 van 11.9.2002, blz. 1).