Einde inhoudsopgave
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/5.3.1.b.ii
5.3.1.b.ii Tekst: de toenmalige gewone betekenis
mr. S.J. Schaafsma, datum 25-06-2009
- Datum
25-06-2009
- Auteur
mr. S.J. Schaafsma
- JCDI
JCDI:ADS468835:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Art. 56 lid 1 van het (hierna in deze noot te bespreken) zogeheten Waldock III'-ontwerp. Zie ook Fitzmaurice 1957, p. 212 en p. 225 e.v. Dit algemene (interpretatie)beginsel wordt ook wel het 'principle of contemporaneity' genoemd. Dat beginsel is onder meer bevestigd door het Internationaal Gerechtshof in zijn arrest van 27 augustus 1952, I C I Reports 1952, p. 176-233, op p. 189 (`US Nationals in Morocco'), alsook in de (veel geciteerde) uitspraak van het Permanent Hof van Arbitrage (arbiter Huber) van 4 april 1928, RIAA (1928) Vol. XI, p. 831 e.v., p. 845 (Nederland/Verenigde Staten; `Island of Miangas (Palmas)'), '(...) a juridical fact must be appreciated in the light of the law contemporary with it, and not of the law in force at the time when a dispute in regard to it arises or fans to be settled.' Zie ook - voortgaand op deze uitspraken - de travaux préparatoires van het Weens Verdragenverdrag, met name de volgende documenten: UN Document A/CN.4/167, Third report on the law of treaties, by Sir Humphrey Waldock, Special Rapporteur (`Waldock BI'), YBILC 1964, vol. II, p. 8-9 en p. 56-57 over het zojuist geciteerde art. 56 lid 1 ('A treaty is to be interpreted in the light of the law in force at the time when the treaty was drawn up.', zie ook Wetzel & Rauschning 1978, p. 239) resp. art. 70 lid 1 onder b; ILC Summary records of the sixteenth session, 11 May - 24 July 1964, 728th and 729th meeting, YBILC, vol. I, p. 33-40; Draft articles on the law of treaties, UN Document A05809, Report of the International Law Commission covering work of its sixteenth session, 11 May - 24 July 1964, YBILC 1964, vol. II, p. 176-208, waarin het beginsel is verplaatst naar art. 69 lid 1 onder b, zie p. 199-203, met name par. 11 (vgl. ook YBILC 1966, vol. II, p. 87-88, zie Wetzel & Rauschning 1978, p. 305); UN Document A/CN.4/186, Sixth report on the law of treaties, by Sir Humphrey Waldock, Special Rapporteur, YBILC 1966, vol. II, p. 51-103, met name p. 97 (par. 11-13), zie ook Wetzel & Rauschning 1978, p. 245-246; Draft articles on the law of treaties, UN Document A/6309/Rev. 1, Report of the International Law Commission on the work of its eighteenth session, 4 May - 19 July 1966, YBILC 1966, Vol. II, p. 177-274, waaruit blijkt dat men niet goed vat kreeg op de verschillende temporele aspecten van verdragsinterpretatie en daarom uiteindelijk niet een bepaling dorst op te nemen; men sprak uit 'that correct application of the temporal element would normally be indicated by interpretation of the term in good faith.' (p. 222, commentaar bij art. 27 lid 3 onder c, par. 16; zie Wetzel & Rauschning 1978, p. 254). Zie ook Sinclair 1984, p. 247-248. Zie ook Gardiner 2008, p. 256 e.v. alsook Sorel 2006 en Le Bouthillier 2006. Over de totstandkomingsgeschiedenis van het Weens Verdragenverdrag, zie ook Rosenne 1970.
Fitzmaurice 1957, p. 212 constateert ook dat het 'principle of contemporaneity' sterk verweven is met het 'principle of the natural and ordinary meaning.'
Sinclair 1984, p. 124 e.v., vgl. ook p. 138-140 en p. 247-248. Zie ook Jennings & Watts 1992, p. 1282, die signaleren dat deze regel, hoewel in enkele omstandigheden een uitzondering denkbaar is, 'will still, even in such circumstances, provide at least the starting point for arriving at the proper interpretation of the treaty.' Zie ook Gardiner 2008, p. 64 en p. 250 e.v. Een uitzondering is denkbaar wanneer het gaat om (open) begrippen ('generic terms') waarvan de 'meaning was intended to follow the evolution of the law and to correspond with the meaning attached to the expression by the law in force at any given time' (Internationaal Gerechtshof, 19 december 1978, I C I Reports 1978, p. 32, r.o. 77 (`Aegean Sea Continental Shelf'). In het arbitrale vonnis van 24 mei 2005 in de IJzeren Rijn-arbitrage maakten de arbiters ook een uitzondering voor een niet-open begrip (`een nieuwe spoorweg'), waarbij zij kwamen tot een evolutieve interpretatie van de desbetreffende verdragsbepaling door bepaalde 'provisions of international law as they apply today' in te lezen (zie r.o. 78-84;
Zie de travaux préparatoires van het Weens Verdragenverdrag genoemd in noot 405 van dit hoofdstuk 5.
Dit spreekt ook voor zich. Immers, dat wij vanwege de Savigniaanse bril de conflictregel in het beginsel van nationale behandeling tegenwoordig niet meer zien, is onze 'fout'. Dat het beginsel van nationale behandeling voor ons dubbelzinnig of duister is, ligt aan ons, niet aan de verdragsopstellers — voor hen was zijn betekenis klip en klaar (zie ook alinea 529 hiervoor).
Darras 1887, p. 606.
643. Tekst. Beginnen wij bij de tekst van het beginsel van nationale behandeling in artikel 5 lid 1 van de Berner Conventie en in artikel 2 lid 1 van het Verdrag van Parijs. Op zichzelf genomen kan men in deze tekst zowel het formele-territorialiteitsbeginsel als het materiële-territorialiteitsbeginsel lezen. Men kan de woorden "in de andere landen van de Unie" respectievelijk "in alle andere landen der Unie" immers opvatten in formeel- en materieel-territoriale zin, maar even goed ook in louter materieel-territoriale zin. Op zichzelf genomen verzet de tekst van het beginsel van nationale behandeling zich dus niet tegen het buiten toepassing laten van de formele-territorialiteitscomponent.
644. Principle of contemporaneity. Een verdrag moet evenwel worden uitgelegd in het licht van het recht zoals dat gold ten tijde van zijn totstandkoming: "A treaty is to be interpreted in the light of the law in force at the time when the treaty was drawn up." 1 Een verdragsbepaling moet in beginsel worden uitgelegd naar haar gewone betekenis ten tijde van het sluiten van het verdrag.2 Vergelijk Sinclair: "The ordinary meaning of a treaty provision should in principle be the meaning which would be attributed to it at the time of the conclusion of the treaty." 3Ook de bij de interpretatie vereiste goede trouw brengt deze temporaliteit mee.4
Wij dienen het beginsel van nationale behandeling dus te benaderen vanuit het toenmalige perspectief — dus zonder de Savigniaanse bril, die later onze blik heeft vertroebeld.5 En, zo hebben wij gezien, vanuit het toenmalige, statutistische perspectief is de conflictenrechtelijke betekenis van het beginsel van nationale behandeling volkomen duidelijk: het beginsel van nationale behandeling bevat een conflictregel, namelijk (de vervollediging van) het formele-territorialiteitsbeginsel. "Cela est évident et aucune dérogation n'a été apportée à cette déduction logique 6
645. Andere bevestigingen. Dat die conflictregel óók formele territorialiteit omvat, wordt bevestigd door de travaux préparatoires, de toenmalige jurisprudentie en literatuur, en latere verdragsbepalingen. Bezien wij deze punten nader.