Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/7.1:7.1 Inleiding
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/7.1
7.1 Inleiding
Documentgegevens:
Joyce Bender en Pascal Besselink, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Joyce Bender en Pascal Besselink
- JCDI
JCDI:ADS981927:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 7:669 lid 1 BW bepaalt dat de werkgever de arbeidsovereenkomst kan opzeggen als daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn, al dan niet met behulp van scholing, in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt. In lid 3 van art. 7:669 BW worden die redelijke gronden opgesomd. Voor twee redelijke gronden is, als de werknemer op grond van art. 7:671 lid 1 BW niet schriftelijk instemt met de opzegging, toestemming voor opzegging vereist van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (hierna: ‘UWV’). Dat betreft de gronden bedrijfseconomische omstandigheden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.