Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/799
Internationaal privaatrecht. Europees mededingingsrecht. Luchtvrachtkartel. Toepasselijk recht op vorderingen tot schadevergoeding voor enkele en voortdurende inbreuk op kartelverbod (art. 101 VWEU). Eenzijdige rechtskeuze o.g.v. art. 4 lid 1 Wet conflictenrecht onrechtmatige daad (WCOD, oud) mogelijk? HR stelt prejudiciële vragen aan HvJ EU.
HR 20-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:946
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 juni 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma
- Zaaknummer
23/00670 en 23/00676
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / EU-mededingingsrecht
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Mededingingsrecht / Mededingingsafspraken
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:946, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑06‑2025
- Wetingang
Essentie
Internationaal privaatrecht. Europees mededingingsrecht. Luchtvrachtkartel. Toepasselijk recht op vorderingen tot schadevergoeding voor enkele en voortdurende inbreuk op kartelverbod (art. 101 VWEU). Eenzijdige rechtskeuze o.g.v. art. 4 lid 1 Wet conflictenrecht onrechtmatige daad (WCOD, oud) mogelijk? HR stelt prejudiciële vragen aan HvJ EU.
Samenvatting
Aan de orde is de vraag of een enkele en voortdurende inbreuk op het Europese kartelverbod moet worden aangemerkt als een onrechtmatige gedraging (schadeveroorzakende gebeurtenis) die per benadeelde leidt tot één schadevordering of als een onrechtmatige gedraging (schadeveroorzakende gebeurtenis) die per transactie leidt tot een afzonderlijke schadevordering, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.