Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/10.7.4.1
10.7.4.1 Artikelen 23 lid 3 EEX-r /17 lid 1, laatste zin Verdrag
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS418018:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Voor toepasselijkheid van art. 27 EEX-V°/21 Verdrag is immers evenmin vereist dat partijen woonplaats hebben in een EG lidstaat resp. verdragsluitende staat; zie HvJ EG 27 juni 1991, zaak C-351/89, Overseas Union, Jur. 1991, p. 1-3317, NJ 1993, 527; Gothot/Holleaux, La Convention, p. 123.
Kropholler, EZPR, p. 278.
Rapport Schlosser, PbEG p. C 59/124.
Vlas, Rechtsvordering, Verdragen & Verordeningen, suppl. 304 (juli 2006), p. A-a-442-446.
In de Duitse doctrine wordt deze exclusiviteit van het forum prorogatum Wompetenz-Kompetenz' genoemd; Geimer, Jurisdiction Clauses, p. 41; Kaye, Civil Jurisdiction, p. 1100.
Ontwerp Rapport Dogauchi/Hartley, doc. prél. nr. 26, p. 27.
Ook in deze casus hebben partijen het gerecht van een EG-lidstaat c.q. verdragsluitende staat aangewezen. Deze situatie zal zich voordoen, indien beide partijen buiten de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten hun woonplaats hebben. Dat is het verschil met de casus in de vorige paragraaf. Het gevolg is dat art. 23 EEX-V°/17 Verdrag niet van toepassing is. Toch bevat art. 23 lid 3 EEX-V°/17 lid 1, laatste zin Verdrag voor deze situatie een bijzondere bepaling. Art. 24 EEX-V°/18 Verdrag — dat anders dan art. 23 EEX-V°/17 Verdrag wel van toepassing is — bevat voor deze situatie geen bepaling. Deze situatie kan zich namelijk bij een stilzwijgende forumkeuze niet voordoen, omdat de stilzwijgende forumkeuze plaatsvindt nadat de eisende partij de procedure aanhangig heeft gemaakt. Art. 27 EEX-V°/21 Verdrag staat eraan in de weg dat een gerecht van een andere EG-lidstaat resp. verdragsluitende staat kennis neemt van de vordering.1
Door het Eerste Toetredingsverdrag is art. 17 lid 1 laatste zin in het EEX opgenomen. Deze zin is op verzoek van het Verenigd Koninkrijk toegevoegd aan art. 17 EEX, omdat in de internationale handel veelvuldig de gerechten van dit land bevoegd worden verklaard. Gedacht kan onder meer worden aan maritieme en verzekeringszaken. Waarschijnlijk liggen dan ook twee redenen aan het opnemen ten grondslag. De eerste reden is dat een forumkeuze in een situatie waarbij (i) geen van de partijen woonplaats heeft in een EG-lidstaat of verdragsluitende staat en (ii) een rechter van een EG-lidstaat of verdragsluitende staat is aangewezen, zich door toetreding van het Verenigd Koninkrijk veel vaker voordoet.2 Het Verenigd Koninkrijk was vermoedelijk bezorgd dat de forumkeuze ten gunste van de Engelse rechters niet zouden worden gerespecteerd door gerechten in de andere verdragsluitende staten. Dit blijkt impliciet ook uit het Rapport Schlosser3 waarin wordt toegelicht dat deze bepaling de derogatieve werking van een forumkeuze (naar commuun internationaal privaatrecht) dient te verzekeren.4
Ten tweede wordt een forumkeuze in deze situatie niet beheerst door art. 23 EEX-V°/17 lid 1 Verdrag, maar door het commune internationaal privaatrecht van de aangezochte (gederogeerde) rechter. Na inwerkingtreding van het Haags Forum-keuzeverdrag zal de forumkeuze ook kunnen worden beheerst door dit verdrag. Gelet op de uiteenlopende inhoud van het commune internationaal privaatrecht van de EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten is het goed mogelijk dat een forumkeuze in sommige EG-lidstaten c.q. verdragsluitende staten minder gauw geldig wordt geacht dan in andere staten. Een forumkeuze voor bijv. Engelse gerechten zou daardoor in minder gevallen worden gerespecteerd. Ook kan een verschil in derogatie bestaan, omdat in het commune internationaal privaatrecht soms het vermoeden van exclusiviteit ontbreekt. Bij afwezigheid van dit vermoeden kan de aangezochte rechter eerder tot de conclusie komen dat geen derogatie plaatsvindt, ondanks de keuze van een ander gerecht. Het Haags Forumkeuzeverdrag zal door eenmaking van het internationale bevoegdheidsrecht betreffende forumkeuze daarin verandering brengen.
Het gevolg van art. 23 lid 3 EEX-V°/17 lid 1, laatste zin Verdrag is derhalve dat het geprorogeerde forum als enige beslist — en kan beslissen — of de forumkeuze geldig is. Het primaat ligt bij de aangewezen rechter om te oordelen over de forumkeuze volgens zijn commuun internationaal privaatrecht.5 Deze oplossing is als uitgangspunt overgenomen in de art. 5 en 7 Haags Forumkeuzeverdrag.6