Einde inhoudsopgave
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/10.2.2.4
10.2.2.4 Juridische splitsing
dr. F.J. Elsweier, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
dr. F.J. Elsweier
- JCDI
JCDI:ADS401777:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 24 december 1997, Stb 776. Volledigheidshalve merk ik op dat op dit moment het civielrechtelijk niet mogelijk is om grensoverschrijdend te splitsen. De Minister van Veiligheid en Justitie heeft op 9 december 2016 een brief naar de Tweede Kamer gestuurd, waarin hij ingaat op de voortgang van de modernisering van het ondernemingsrecht (Brief Minister van Veiligheid en Justitie, 9 december 2016, kenmerk 2024822, V-N 2017/8.25). In de brief geeft hij onder meer aan dat hij wil onderzoeken of er aanleiding is om met een nationale regeling voor grensoverschrijdende splitsing te komen.
Wet van 24 juni 1998, Stb. 350.
Een juridische splitsing kent zowel een civielrechtelijke als een fiscale achtergrond. Civielrechtelijk is de splitsing vanaf 1 februari 1998 mogelijk.1 De fiscale begeleiding werd een aantal maanden later dan de civielrechtelijke mogelijkheid ingevoerd.2 In 2001 werden bij de belastingherziening alle in de Nederlandse wet geldende antimisbruikbepalingen voor toepassing van aandelenfusie, bedrijfsfusie, juridische fusie en splitsing zoveel mogelijk gestroomlijnd. Daarmee werd getracht een betere aansluiting te vinden bij de bepalingen uit de Fusierichtlijn. De huidige regels omtrent de juridische splitsing worden verder besproken in hoofdstuk 10.2.3.3.