Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen in Nederland, Noorwegen en Zweden
Einde inhoudsopgave
Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen (SteR nr. 2) 2011/II.2.3.1.6:2.3.1.6 Bestuur met en door particulieren en privaatrechtelijke organisaties
Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen (SteR nr. 2) 2011/II.2.3.1.6
2.3.1.6 Bestuur met en door particulieren en privaatrechtelijke organisaties
Documentgegevens:
L.A. Kjellevold Hoegee, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
L.A. Kjellevold Hoegee
- JCDI
JCDI:ADS578360:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie VAR-reeks 140.
Artikel 34 Comptabiliteitswet 2001.
Op welke handelingen van de zbo de Awb van toepassing is, is afhankelijk van de vraag of het om een a- of b-orgaan gaat in de zin van artikel 1:1 Awb. Meer hierover in paragraaf 4.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Om een volledig beeld te krijgen van de centrale bestuursorganisatie moet kort worden stilgestaan bij het uitgebreide gebruik dat wordt gemaakt van particulieren en privaatrechtelijke organisaties bij de behartiging van publieke belangen. Dit kan op verschillende manieren gebeuren.1 Bijvoorbeeld door aan een privaatrechtelijke (rechts)persoon taken en bevoegdheden toe te kennen. Een voorbeeld is het toekennen van de bevoegdheid apk-keuringen te verrichten aan een garagehouder op grond van artikel 78 Wegenverkeerswet 1994. Een andere variant is de oprichting van of deelneming in privaatrechtelijke rechtspersonen. Hiervoor geldt wel een verplichte voorhangprocedure bij het parlement.2
De juridische consequenties van bestuur met en door particulieren en organisaties is afhankelijk van de gekozen constructie. Als een privaatrechtelijke rechtspersoon bijvoorbeeld met openbaar gezag is bekleed, is deze in zoverre aan te merken als bestuursorgaan in de zin van artikel 1:1 Awb, hetgeen betekent dat het publiekrecht van toepassing is op zijn wijze van functioneren.3