Einde inhoudsopgave
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/3.5.3.6
3.5.3.6 Voorkoming van dubbele belasting
mr. J. Vleggeert, datum 01-11-2008
- Datum
01-11-2008
- Auteur
mr. J. Vleggeert
- JCDI
JCDI:ADS304359:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Belastingverdragen
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Van Strien stelt een alternatief voor waarmee hetzelfde resultaat wordt bereikt. Deze oplossing houdt in dat het eigen vermogen dat toerekenbaar is aan de vaste inrichting bij de berekening van de aftrek van een primair rendement voor de toepassing van de wereldwinst in mindering komt op het eigen vermogen. Bij de berekening van de voorkoming wordt geen aftrek van primair rendement verleend. Op deze manier wordt dus per saldo aftrek verleend over het in Nederland werkzame vermogen. J. van Strien, Renteaftrekbeperkingen in de vennootschapsbelasting, FM nr. 119, Deventer: Kluwer 2007, p. 558. Naar het mij voorkomt, is dit alternatief evenwel minder zuiver dan de hierboven geschetste benadering omdat de wijze waarop de winst van de vaste inrichting wordt berekend, afwijkt van die waarop de winst van een binnenlandse onderneming wordt bepaald.
Voor een belastingplichtige met een vaste inrichting in Nederland is de aftrek gelijk aan het rentepercentage voor leningen met een looptijd van tien jaar, vermenigvuldigd met het eigen vermogen van de vaste inrichting.
Heeft een binnenlands belastingplichtige een buitenlandse vaste inrichting, dan wordt de aftrek voor de berekening van de wereldwinst verleend over het eigen vermogen inclusief het eigen vermogen dat toerekenbaar is aan de branch. Bij de berekening van de voorkoming wordt aftrek verleend over het eigen vermogen van de branch.1
Buitenlandse bronbelasting blijft verrekenbaar met de vennootschapsbelasting. Evenals onder geldend recht is de credit begrensd door de nettomethode, dat wil zeggen dat de credit is begrensd door de vennootschapsbelasting die toerekenbaar is aan het inkomensbestanddeel waarop de bronbelasting is ingehouden. Wanneer een vermogensbestanddeel is gefinancierd met eigen vermogen en over het eigen vermogen aftrek van primair rendement is verleend, komt het in aftrek bij de berekening van het netto-inkomen waarop bronbelasting is ingehouden.