M en R 2014/138
Vordering tegen de Staat tot ontpoldering van de Hedwigepolder
Hof Den Haag 03-06-2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1736, m.nt. F.C.S. Warendorf
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
3 juni 2014
- Magistraten
Van den Berg, Tan-de Sonnaville, Kaal
- Zaaknummer
200.120.279-01
- Noot
F.C.S. Warendorf
- JCDI
JCDI:ADS919329:1
- Vakgebied(en)
Milieurecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2014:1736, Uitspraak, Hof Den Haag, 03‑06‑2014
- Wetingang
(art. 6 lid 2 Habitatrichtlijn; art. 3 Scheldeverdrag; art. 31 lid 1 Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht; art. 3:305 lid 2 BW)
Essentie
Vordering tegen de Staat tot ontpoldering van de Hedwigepolder
Samenvatting
Het hof is met de rechtbank van oordeel dat artikel 6, tweede lid, van de Habitatrichtlijn de Staat weliswaar de resultaatverplichting oplegt om passende maatregelen te treffen zodat verslechtering van de habitats in de Westerschelde wordt voorkomen, maar dat de Staat de bevoegdheid wordt gelaten te bepalen welke maatregelen passend zijn in het licht van de omstandigheden van het geval. Die bevoegdheid betreft naar het oordeel van het hof niet alleen de inhoud van de te nemen maatregelen, maar in beginsel ook het tijdstip waarop de maatregelen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.