Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.1.0:Inleiding
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/6.3.1.0
Inleiding
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS605442:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Inkomen uit werk en woning (box 1) - niet-winst
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In art. 1.2 Wet IB 2001 is een partnerregeling opgenomen, op grond waarvan voor een groot aantal regelingen in de inkomstenbelasting wordt uitgegaan van een uniform begrip ‘partner’ voor de relatie tussen twee natuurlijke personen. Uit de parlementaire toelichting blijkt dat met de introductie van het partnerbegrip een meer consistente behandeling van met name ongehuwde samenwoners is bedoeld.
In sommige regelingen heeft het begrip ‘partner’ een vereenzelvigingsfunctie en met name een antiontgaansfunctie. Handelingen of bezittingen van de partner worden dan toegerekend aan de belastingplichtige om te voorkomen dat belastingheffing wordt ontgaan. Dit is bijvoorbeeld het geval in de terbeschikkingstellingsregelingen van art. 3.91 en 3.92 Wet IB 2001. Ten aanzien van andere regelingen is sprake van een facilitaire functie. Dat geldt bijvoorbeeld voor de keuzemogelijkheid van art. 2.17 Wet IB 2001 met betrekking tot de verhouding waarin inkomens- en vermogensbestanddelen worden toegerekend aan de belastingplichtige en zijn partner.