De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/3.2:3.2 Europese ontwikkelingen voorafgaande aan de Richtlijn
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/3.2
3.2 Europese ontwikkelingen voorafgaande aan de Richtlijn
Documentgegevens:
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197788:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Verslag met aanbevelingen aan de Commissie betreffende insolventieprocedures in het kader van het vennootschapsrecht van de EU, 2011/2006(INI), 17 oktober 2011.
Mededeling van de Europese Commissie, Akte voor de interne markt II, 3 oktober 2012, COM (2012) 573 final, p. 11.
Mededeling COM (2012) 742 final van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees economisch en sociaal comité (12 december 2012), Een nieuwe Europese aanpak van faillissementen en insolventie.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De laatste jaren is in Europees verband veel aandacht voor preventieve herstructureringsprocedures. Aanleiding hiervoor is het hoge aantal failliete ondernemingen in de Europese Unie, dat in 2009 zijn hoogtepunt bereikte. Eind 2011 beveelt het Europees Parlement aan het insolventierecht op een aantal punten te harmoniseren. Het Parlement roept onder meer op tot Europese regelgeving op het vlak van de vaststelling, gevolgen en inhoud van herstructureringsakkoorden.1 De Commissie bestempelt vervolgens het moderniseren van het insolventierecht als een speerpunt. Doel is om betere overlevingskansen te bieden aan financieel noodlijdende ondernemingen met levensvatbare onderdelen.2 De Commissie wil een ‘doeltreffend rechtskader’ voor insolventie in de interne markt ontwikkelen, waar het (vroegtijdig) herstructureren van ondernemingen onderdeel van uitmaakt.3
3.2.1 Aanbeveling en richtlijnvoorstel3.2.2 Aandacht voor aandeelhouders