Einde inhoudsopgave
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/2.2.3.1
2.2.3.1 De SCP als overeenkomst en in het rechtsverkeer
Chr.M. Stokkermans, datum 28-02-2017
- Datum
28-02-2017
- Auteur
Chr.M. Stokkermans
- JCDI
JCDI:ADS586854:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Loi no. 66-879, art. 30 jo. art. 1842 CC. Décret no. 78-704 van 3 juli 1978, art. 1 en 2.
Loi no. 66-879, art. 8.
Gestion RF 2015, nr. 4009 en 4010.
Gestion RF 2015, nr. 4003, met verwijzing naar de wetsgeschiedenis.
CC, art. 1844-10 beperkt nietigheid tot gevallen van strijd met CC, art. 1832 (definitie van vennootschap) en art. 1833 (vereiste van wettig doel en belang van alle vennoten). De verwijzing in art. 1844-10 naar art. 1832-1 lid 1 is achterhaald sinds de afschaffing bij de Loi 85-1372 van 23 december 1985, van het verbod voor echtelieden om samen deel te nemen in een vennootschap waarin zij ieder voor het geheel en hoofdelijk aansprakelijk zijn.
Gestion RF 2015, nr. 4038.
Loi no. 66-879, art. 11. Gestion RF 2015, nr. 4080 en 4087. De regels voor benoeming en ontslag van beheerders van een SCP wijken iets af van de regels voor civiele vennootschappen in het algemeen. Vgl. voornoemd art. 11 met CC, art. 1846 en 1851.
CC, art. 1848.
CC, art.1849.
CC, art. 1852.
Loi no. 66-879, art. 15 lid 1.
CC, art. 1857 lid 1. Over het moment van opeisbaarheid, zie Bougnoux 2014, nr. 85; Santourens 2012, nr. 124-126. Een verlaging van het aandeel van een vennoot in het kapitaal die dateert van vóór het moment van opeisbaarheid van de schuld en die pas ná het moment van opeisbaarheid in het handelsregister is ingeschreven, kan niet aan de schuldeiser worden tegengeworpen, zie Bougnoux 2014, nr. 86.
CC, art. 1857 lid 2. Zie Cozian, Viandier & Deboissy 2012, nr. 1238; Saintourens 2012, nrs. 6, 121 en 122; Bougnoux 2014, nr. 79. De maatstaf van art. 1857 CC is ingevoerd bij Loi no. 78-9 van 4 januari 1978. Voordien gold de (bij onze maatschap nog steeds geldende) hoofdregel van aansprakelijkheid voor gelijke delen. Zie Santourens 2012, nr. 118.
Saintourens 2012, nr. 20.
Loi no. 66-879, art. 15 lid 2. De tekst van deze regel wijkt iets af van die van de société civile in het algemeen. Zie CC, art. 1858 (‘après avoir préalablement et vainement poursuivi la personne morale’), waarover Cozian, Viandier & Deboissy 2012, nr. 1241-1243.
Bougnoux 2014, nr. 93 en 94.
Loi no. 66-879, art. 16.
CC, art. 1857. Code des sociétés commentée 2009, CC, art. 1857, commentaire sub V; Bougnoux 2014, nr. 100.
CC, art. 1857. Santourens 2012, nr. 121; Bougnoux 2014, nr. 100.
CC, art. 2224; Saintourens 2012, nr. 214.
Gestion RF 2015, nr. 4158 en 4319, met verwijzing naar Cass.civ. 26 november 1991, no. 88-20094 inzake na uittreden verschenen termijnen onder een voordien afgesloten huurkoopovereenkomst. Eveneens aansluitend bij het moment van opeisbaar worden: Cass.civ. 20 februari 2002, Bulletin Joly 2002, 816.
Saintourens 2012, nr. 20.
Dat SCP-status en de daarmee gepaard gaande rechtspersoonlijkheid worden verkregen door inschrijving in het handelsregister,1 kwam al ter sprake. De naam van de SCP moet direct worden voorafgegaan of gevolgd door de aanduiding ‘société civile professionnelle’ of ‘SCP’.2 Vennoot kunnen zijn natuurlijke personen die hetzelfde beroep uitoefenen. Behoudens enkele uitzonderingen is een multidisciplinaire SCP verboden.3 De SCP kan het beroep uitoefenen en sluit op eigen naam contracten met derden, maar het uitgangspunt van persoonlijke beroepsuitoefening door de vennoten is behouden: beroepsmatige handelingen kunnen door de SCP slechts worden uitgeoefend door tussenkomst van de vennoten.4 Net als voor andere typen vennootschappen, kan nietigheid van de SCP zich slechts op een beperkt aantal gronden voordoen.5 Onder meer kan dit het geval zijn als een inbreng of de vereiste affectio societatis ontbreekt.6
Alle vennoten zijn tevens beheerders (gérants). De statuten mogen anders bepalen, zij het dat uitsluitend vennoten beheerder mogen zijn. Bij de uitvoering van beroepsmatige handelingen brengen de bevoegdheden van een beheerder op geen enkele wijze een ondergeschiktheid van de vennoten ten opzichte van de SCP mee.7 Behoudens afwijkende bepaling in de statuten, mag de beheerder alle daden van beheer in het belang van de vennootschap verrichten. Bij twee of meer beheerders heeft ieder een eigen bevoegdheid. Het betreft dus geen collectieve bevoegdheid. Wel heeft iedere beheerder, bij wijze van regelend recht, een preventief vetorecht.8 In de verhouding tot derden heeft iedere beheerder zelfstandig de macht om de vennootschap te verbinden door handelingen die binnen het vennootschappelijk doel vallen.9 Besluiten buiten de bevoegdheid van de beheerders worden door de vennoten bij unanimiteit genomen, voor zover de statuten niet anders bepalen.10
De vennoten van een SCP zijn onbeperkt, maar – aangezien de SCP een civiele vennootschap is – niet hoofdelijk voor vennootschapsschulden verbonden.11 Hun aansprakelijkheid is naar evenredigheid van ieders aandeel in het vennootschappelijk kapitaal (capital social) op het moment waarop de schuld opeisbaar wordt.12 De omvang van de aansprakelijkheid van een vennoot die slechts arbeid inbrengt, is gelijk aan die van de vennoot met het kleinste aandeel in het kapitaal.13 De aansprakelijkheid volgens deze maatstaf hoeft niet gelijk te zijn aan de mate waarin de vennoten intern draagplichtig zijn voor geleden verliezen.14 De aansprakelijkheid van de vennoten van een SCP heeft een subsidiair karakter. Vereist is dat de schuldeiser eerst de vennootschap vruchteloos in gebreke heeft gesteld, alvorens hij de vennoot aanspreekt.15 De subsidiariteit staat niet in de weg aan het alvast leggen van conservatoir beslag onder vennoten.16
Een vennoot is voorts voor het geheel persoonlijk aansprakelijk voor schade voortvloeiend uit fouten bij door hem verrichte beroepswerkzaamheden. Voor dergelijke schade is ook de SCP voor het geheel aansprakelijk. De SCP en haar vennoten dienen een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten onder per beroepsgroep afzonderlijk vastgestelde regelingen.17
Een nieuwe vennoot wordt aansprakelijk voor schulden van de SCP die opeisbaar worden na het moment van zijn toetreden, ook als die voortvloeien uit een voordien aangegane overeenkomst.18 Een uitgetreden vennoot blijft aansprakelijk voor ten tijde van het uittreden al opeisbare schulden.19 Hiervoor geldt, volgens het commune recht sinds 2008, een verjaringstermijn van vijf jaar, te rekenen vanaf het moment waarop de schuldeiser wist of kon weten dat hij het vorderingsrecht kon uitoefenen.20 De uitgetreden vennoot wordt niet aansprakelijk voor schulden die voortvloeien uit rechtsverhoudingen die ten tijde van zijn uittreden al bestaan en pas nadien opeisbaar worden.21 Dit laatste geldt voor schulden die opeisbaar worden na het moment waarop de uitgetreden vennoot geen parts sociales meer houdt en deze omstandigheid is ingeschreven in het handelsregister.22
Een SCP wordt ontbonden in de gevallen waarin een civiele vennootschap wordt ontbonden. Deze ontbindingsgronden zijn bij de SEP al besproken, omdat zij mede toepasselijk zijn op civiele SEP’s.