Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/2.3
2.3 Tot slot
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS387515:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Het onderzoek is echter ook relevant voor andere rechtspersonen, zoals de NV en de stichting. Ook in geval van ontbinding van dergelijke rechtspersonen wordt gebruik gemaakt van de turboliquidatie, zij het niet zo veelvuldig als het geval is bij BV’s.
Uit een steekproef gehouden door de Kamer van Koophandel in 2007 bleek dat twee derde van de, krachtens een besluit van de algemene vergadering ontbonden BV’s direct ophielden te bestaan, aldus Nethe 2008, p. 283-285. Uit een later uitgevoerde steekproef (2012) bleek dat ruim drie kwart van de, krachtens een besluit van de algemene vergadering ontbonden BV’s direct ophielden te bestaan, zie Hof ’s-Gravenhage 6 september 2012, JOR 2013/217 m.nt. M.Y. Nethe.
De focus van onderhavig onderzoek is gericht op de turboliquidatie van de BV.1 Uit empirisch onderzoek blijkt namelijk dat van de Nederlandse privaatrechtelijke rechtspersonen (verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, NV’s, BV’s en stichtingen) vooral BV’s van de turboliquidatie als ontbindingswijze gebruik maken.2 Onderhavig onderzoek is bovendien beperkt tot het Nederlandse rechtstelsel en de Nederlandse rechtspraktijk. Hierdoor wordt afgezien van rechtsvergelijking en worden internationaal privaatrechtelijke vraagstukken niet expliciet aan de orde gesteld. Onderhavig onderzoek is per 1 augustus 2015 afgesloten. Nadien verschenen jurisprudentie en literatuur is niet in dit onderzoek betrokken.