FED 2019/102
Ook verplichtingen van de verkrijger jegens een derde vallen onder de tegenprestatie die het op grond van artikel 4.17c Wet IB 2001 maximaal niet als vervreemding aan te merken deel van de overdrachtsprijs verlagen.
HR 24-05-2019, ECLI:NL:HR:2019:788, m.nt. J.W.J. de Kort
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 mei 2019
- Magistraten
Mrs. Koopman, Van Loon, Faase
- Zaaknummer
18/03155
- Noot
J.W.J. de Kort
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS68657:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 24‑05‑2019
ECLI:NL:HR:2019:788, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑05‑2019
- Wetingang
Art. 4.17c, 4.22 Wet IB 2001
Essentie
Ook verplichtingen van de verkrijger jegens een derde vallen onder de tegenprestatie die het op grond van artikel 4.17c Wet IB 2001 maximaal niet als vervreemding aan te merken deel van de overdrachtsprijs verlagen.
Samenvatting
Belanghebbende schenkt onder het aanmerkelijk belang vallende certificaten aan zijn zoon A onder de voorwaarde dat A in een aantal termijnen een bedrag voldoet aan belanghebbendes andere zoon B. Belanghebbende doet een beroep op de doorschuiffaciliteit van artikel 4.17c Wet IB 2001. Niet als vervreemding wordt dan aangemerkt het deel van de overdrachtsprijs dat toerekenbaar is aan het ondernemingsvermogen van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.