NJB 2025/805:Misbruik van procesrecht. Motiveringseisen in kort geding. Een stichting stelt beroep bij de bestuursrechter in tegen een beslissing op bezwaar tegen de verlening van omgevingsvergunningen. In dit civiele kort geding vorderen de projectontwikkelaar en kopers van de te bouwen woningen een bevel om het beroep in te trekken. Hoge Raad: 1. Taakverdeling civiele rechterbestuursrechter. De rechtsgang bij de bestuursrechter biedt in dit geval onvoldoende rechtsbescherming, omdat de bestuursrechter niet kan bewerkstelligen dat de omgevingsvergunningen op korte termijn onherroepelijk worden. 2. Evident kansloze procedure. Het oordeel van het hof dat het beroep bij de bestuursrechter niet evident kansloos is, is voldoende gemotiveerd, mede in aanmerking genomen dat het een kort geding betreft. 3. Onevenredige belangen. Het oordeel van het hof dat niet aannemelijk is dat het instellen van beroep het belang van eisers onevenredig schaadt, is voldoende gemotiveerd, mede in aanmerking genomen dat het een kort geding betreft.