Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/54.2
54.2 Het belang van ervaren procedurele rechtvaardigheid in het bestuursrecht
mr. dr. H.A.M. Grootelaar, prof. dr. K. van den Bos, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. dr. H.A.M. Grootelaar, prof. dr. K. van den Bos
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
E.A. Lind, R. Kanfer, R., & Earley, P. C., ‘Voice, control, and procedural justice: Instrumental and noninstrumental concerns in fairness judgments’, Journal of Personality and Social Psychology, 59, 1990, p. 952-959.
Zie bijv. G.S. Leventhal, ‘What should be done with equity theory? New approaches to the study of fairness in social relationships’ in: K. Gergen, M. Greenberg & R. Willis (red.), Social exchange: Advances in theory and research, New York: Plenum Press 1980, p. 27-55; E.A. Lind, & T.R. Tyler, The social psychology of procedural justice, New York: Plenum Press 1988, p. 61; J. Thibaut & L. Walker, Procedural justice. A psychological analysis, Hillsdale, NJ: Lawrence Erlbaum Associates 1975.
R. Folger, D. Rosenfield, J. Grove & L. Corkran, ‘Effects of 'voice' and peer opinions on responses to inequity’, Journal of Personality and Social Psychology, 37, 1979, p. 2253-2261.
T.R. Tyler, ‘Conditions leading to value-expressive effects in judgments of procedural justice. A test of four modes’, Journal of Personality and Social Psychology, 52, 1986, p. 333-344.
Leventhal 1980.
R.J. Bies & J.S. Moag, ‘Interactional justice: Communication criteria of fairness’ in: R. Lewicki, B. H. Sheppard & M. H. Bazerman (Red.), Research on negotiation in organizations. Greenwich, CT: JAI Press 1986, p. 43-55.
H.A.M. Grootelaar, Interacting with Procedural Justice in Courts, Utrecht: Universiteit Utrecht 2018.
B.W.N. de Waard, (red.). Ervaringen met bezwaar: Onderzoek naar de ervaringen van burgers met de bezwaarschriftprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2011, p. 144.
Voor overzichten, zie Lind & Tyler 1988 en K. van den Bos, E.A. Lind, R. Vermunt & H.A.M. Wilke, ‘How do I judge my outcome when I do not know the outcome of others? The psychology of the fair process effect’, Journal of Personality and Social Psychology, 72, 1997, p. 1034-1046.
E.A. Lind, C.T. Kulik, M. Ambrose & M.V. de Vera Park, ‘Individual and corporate dispute resolution. Using procedural fairness as a decision heuristic’, Administrative Science Quarterly, 38, 1993, p. 224-251.
T.R. Tyler, Why people obey the law, New Haven, CT: Yale 1990.
H.A.M. Grootelaar & K. van den Bos. ‘How Litigants in Dutch Courtrooms Come to Trust Judges: The Role of Perceived Procedural Justice, Outcome Favorability, and Other Sociolegal Moderators’, Law & Society Review, 52, 2018, p. 234-268
K. van den Bos & L. van der Velden, Legitimiteit van de overheid, aanvaarding van overheidsbesluiten & ervaren procedurele rechtvaardigheid, Den Haag: Ministerie van BZK, p. 74-75.
Van den Bos & Van der Velden 2013, p. 75.
Van den Bos & Van der Velden 2013, p. 75.
Grootelaar 2018.
Zie voor een meer kritische reflectie hierop N. Doornbos, ‘Voorbij procedurele rechtvaardigheid. De betrekkelijkheid van de beleving van respondenten’, Recht der Werkelijkheid, 38, 2017, p. 99-119.
Als sociaalpsychologen spreken over ‘ervaren procedurele rechtvaardigheid’ dan bedoelen zij de subjectieve indruk die mensen zich vormen van de eerlijkheid en rechtvaardigheid van de besluitvormingsprocedure en van hoe ze behandeld worden tijdens die procedure. De rechtvaardigheidsperceptie of -beleving staat centraal. Het gaat om rechtvaardigheid in the eye of the beholder.1
De vraag wat mensen precies rechtvaardig vinden, heeft onderzoekers naar procedurele rechtvaardigheid lange tijd bezig gehouden.2 Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat onder meer je mening kunnen geven (voice),3 dat autoriteiten ook echt naar die mening luisteren (due consideration),4 dat procedures door de tijd heen constant en voor alle deelnemers hetzelfde zijn (consistency), dat procedures vrij zijn van vooroordelen en persoonlijke denkbeelden van diegene die de beslissing neemt (neutrality),5 een open en gepaste communicatie (respect) en het geven van voldoende motivering voor beslissingen (explanation)6 criteria zijn die individuen gebruiken om te beoordelen of zij de doorlopen procedure en de behandeling door de besluitvormer eerlijk vinden. Welke criteria rechtzoekenden het belangrijkst vinden, verschilt per context en rechtsgebied.7 Zo blijkt uit het onderzoek van De Waard e.a. onder bezwaarmakers bij verschillende bestuursorganen dat het van groter belang is dat mensen niet twijfelen aan de (on)partijdigheid van de hoorcommissie en dat zij zich respectvol bejegend voelen, dan dat er in de ogen van de bezwaarmaker voldoende tijd was en dat er goed geluisterd werd op de hoorzitting.8
Eén van de meest gerepliceerde en belangwekkende bevindingen in de sociale psychologie is het fair process effect, dat laat zien dat een als rechtvaardig ervaren behandeling sterke effecten heeft op de reacties van mensen.9 Zo heeft ervaren procedurele rechtvaardigheid bijvoorbeeld een positieve invloed op iemands bereidheid om beslissingen te accepteren,10 gehoorzaamheid aan de wet11 en het vertrouwen in de rechter en rechtspraak.12 Meer specifiek in de context van de Awb hebben onderzoeken naar de bezwaarschriftprocedure en het beroep bij de bestuursrechter aangetoond dat naarmate burgers meer procedurele rechtvaardigheid ervoeren, zij meer tevreden waren met hun uitkomst (ook als dit een ongegrond bezwaar of beroep betrof),13 zij meer vertrouwen hadden in het naleven van die uitkomst,14 meer vertrouwen hadden in het contact met de ambtenaren of overheid,15 en meer vertrouwen hadden in de bestuursrechter die de zaak behandelde.16
Hoewel ervaren procedurele rechtvaardigheid onzes inziens zeker geen panacee voor alle problemen in het bestuursrecht is,17 denken wij dat het waardevol is om eens met de sociaalpsychologische rechtvaardigheidsbril naar de Awb te kijken. Dat wij ons in deze bijdrage hoofdzakelijk beperken tot de rechtzoekende burger, wil niet zeggen dat wij het belang van ervaren procedurele rechtvaardigheid voor (gemachtigden van) bestuursorganen niet onderkennen. Ook voor hen is het van groot belang dat de bestuursrechtelijke procedure als eerlijk en rechtvaardig wordt ervaren, en dat zij vertrouwen houden in de bestuursrechter en het bestuursprocesrecht.