De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/293:293 Inleiding
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/293
293 Inleiding
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS372651:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bemoeienis van de wetgever beperkt zich niet tot het introduceren van openbaarmakingsverplichtingen. Sinds het nieuwe millennium heeft steeds meer regelgeving het licht gezien die betrekking heeft op de vaststelling van de bezoldiging van bestuurders. Er is in het bijzonder aandacht voor zogenaamde say-on-payregelingen. Dit fenomeen heeft zijn wortels in het Verenigd Koninkrijk en heeft zich vervolgens genesteld in andere landen, waaronder Nederland (2004), Duitsland (2009) en de Verenigde Staten (2010). Met deze regelingen wordt getracht het vaststellingsproces te beïnvloeden door te schuiven met de bevoegdheidsverdeling zonder in te grijpen in de vaststellingsvrijheid van de vennootschap.
In dit hoofdstuk zal ik beginnen met het geven van een uiteenzetting van de bevoegdheidsverdeling bij het benoemen en vaststellen van de bezoldiging van bestuurders in het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Duitsland, waarna ik in zal gaan op de say-on-payregelingen in de verschillende landen. Daarbij zullen tevens de relevante bepalingen uit de herziene aandeelhoudersrechtenrichtlijn worden behandeld. Vervolgens zal aandacht worden besteed aan de bevoegdheidsverdeling zoals deze geldt in Nederland en de positie van Nederland ten opzichte van de drie onderzochte landen en de herziene aandeelhoudersrechtenrichtlijn. Ter afsluiting zal ik ingaan op de mogelijkheden die deze vennootschapsrechtelijke regelingen bieden om de in het tweede deel gesignaleerde kernproblemen tegen te gaan.