Einde inhoudsopgave
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/10.10.1
10.10.1 In de Bondsdag
mr. S.P. Poppelaars, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. S.P. Poppelaars
- JCDI
JCDI:ADS457710:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Gesetz zu dem Beschluss des Europäischen Rates vom 25. März 2011 zur Änderung des Artikels 136 des Vertrags über die Arbeitsweise der Europäischen Union hinsichtlich eines Stabilitätsmechanismus für die Mitgliedstaaten, deren Währung der Euro ist, BGBl. II 2012, nr. 28, p. 978 (13 september 2012).
Gesetz zu dem Vertrag vom 2. Februar 2012 zur Einrichtung des Europäischen Stabilitätsmechanismus, BGBl. II 2012, nr. 28, p. 981 (13 september 2012); Gesetz zu dem Vertrag vom 2. März 2012 über Stabilität, Koordinierung und Steuerung in der Wirtschafts- und Währungsunion, BGBl. II 2012, nr. 28, p. 1006 (13 september 2012). Het Stabiliteitsverdrag had ook gevolgen voor andere wetten, zoals het HGrG. Deze wijzigingen werden geregeld in het Gesetz zur innerstaatlichen Umsetzung des Fiskalvertrags, BGBl. I 2013, nr. 38, p. 2398 (15 juli 2013).
BGBl. I 2012, nr. 43, p. 1918 (13 september 2012).
Artikel 5, tweede lid, sub 2, ESMFinG.
Artikel 5, derde lid, ESMFinG.
Artikel 5, vijfde lid, ESMFinG.
Artikel 6 ESMFinG.
Zie par. 10.9.2.
BVerfGE 130, 362-363.
BT Drs. 17/10320, 17/10321 (Spanje); BT Drs. 17/13060 (Cyprus); BT Drs. 18/5590 (Griekenland). Zie over deze steun: par. 8.4.2.
De parlementaire behandeling van het ESM-verdrag leidde tot drie wetten. Voor het ESM-verdrag werd een derde lid aan artikel 136 VWEU toegevoegd, waarin expliciet de mogelijkheid van het oprichten van een stabiliteitsmechanisme werd genoemd. Deze wijziging van het VWEU werd bij wet goedgekeurd.1 Ditzelfde gold voor het ESM-verdrag, en overigens ook voor het Stabiliteitsverdrag.2 Het ESM-verdrag leidde verder tot het Gesetz zur finanziellen Beteiligung am Europäischen Stabilitätsmechanismus (hierna: ESMFinG).3 Deze wet had als doel om een algemeen financieel kader te bieden voor de Duitse betrokkenheid bij het ESM en de parlementaire rechten bij ESM-aangelegenheden vast te leggen.
De goedkeuringswet bij het ESM-verdrag en met name het ESMFinG regelen de parlementaire betrokkenheid bij het ESM. Artikel 2 van de goedkeuringswet bepaalt dat voor het wijzigen van de instrumenten die het ESM kan hanteren bij het verlenen van steun voorafgaande autorisatie bij wet nodig is. De tweede wet over het ESM, het ESMFinG, kent eenzelfde opbouw als het StabMechG, dat de betrokkenheid van de Bondsdag bij het EFSF regelt.
In artikel 1 van het ESMFinG zijn de financiële consequenties van het ESM voor Duitsland vastgelegd. Met het ESM-verdrag verplichtte Duitsland zich ertoe om ruim 21,7 miljard euro direct in het noodfonds te storten en daarnaast afgerond 168,3 miljard euro aan oproepbaar kapitaal ter beschikking te stellen. Artikel 4 is een van de kernbepalingen van het ESMFinG en regelt in het eerste lid dat de Bondsdag bij ESM-aangelegenheden die aan zijn budgettaire verantwoordelijkheid raken, als geheel die verantwoordelijkheid zal uitoefenen. Daarvan is in drie situaties in het bijzonder sprake, zo vervolgt het eerste lid: indien er vanuit het ESM steun wordt verleend, indien over de voorwaarden voor steun een akkoord wordt gesloten in een memorandum van overeenstemming, en indien het maatschappelijk kapitaal en het maximaal leningvolume worden gewijzigd. In deze gevallen moet de Bondsdag bij motie voorafgaande goedkeuring verlenen.
Artikel 5 regelt vervolgens de positie van de budgetcommissie. Ook de budgetcommissie heeft in bepaalde gevallen een instemmingsrecht, zoals bij beslissingen over het opvragen van niet-gestort kapitaal.4 Daarnaast moet de Bondsregering in sommige gevallen rekening houden met het standpunt van de budgetcommissie, zoals bij de uitbetaling van afzonderlijke tranches van eerder goedgekeurde steun.5 De Bondsdag kan op ieder moment met gewone meerderheid besluiten om de rechten van de budgetcommissie zelf uit te oefenen.6
Het ESMFinG bevat tevens, net als het StabMechG, bepalingen over de positie van de subcommissie van de budgetcommissie.7 Die commissie kan in uitzonderlijke gevallen, waarbij het gaat om vertrouwelijke aangelegenheden, de hiervoor beschreven rechten uitoefenen. Gelet op het belang van deze beslissingen, worden de leden van de subcommissie door de Bondsdag aangewezen. Op grond van het eerdere arrest van het Bundesverfassungsgericht over de EFSF moet de subcommissie een evenbeeld vormen van de politieke verhoudingen in de Bondsdag.8 Eveneens naar aanleiding van dit EFSF-arrest, waarin het Hof oordeelde dat de subcommissie op grond van het StabMechG te snel in beeld kwam, is in het ESMFinG gespecificeerd dat de subcommissie slechts een rol kan spelen bij de aankoop van staatsobligaties op de secundaire markt door het ESM. Het Bundesverfassungsgericht keurde de bijzondere positie van de subcommissie voor dit instrument van financiële steunverlening in het EFSF-arrest goed.9 Aangezien dit instrument sindsdien nog niet is toegepast, is deze subcommissie, afgezien van haar in stallatie, nog niet bijeengekomen. Tot slot regelt het ESMFinG de informatieverplichtingen voor de Bondsregering in het kader van het ESM.10
De Bondsdag creëerde met het ESMFinG, net als eerder met het (gewijzigde) StabMechG, opnieuw een sterke positie voor zichzelf, in samenwerking met de Bondsraad en de Bondsregering. De inzet van het ESM behoeft goedkeuring van de Bondsdag, net als het aanwenden van de EFSF. De Bondsdag heeft dan ook ingestemd met steun vanuit het ESM aan Spanje, Cyprus en Griekenland.11 Ook op andere wijzen is parlementaire betrokkenheid bij het ESM verzekerd, bijvoorbeeld doordat de overeengekomen voorwaarden voor de financiële bijstand aan een lidstaat goedkeuring van de Bondsdag vereisen. De Bondsdag stelde via deze weg zeker dat de Bondsregering niet te veel vrijheid kreeg bij het gebruik van het permanente noodfonds.