Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/924
OM-cassatie. 1. Cassatieberoep is ontvankelijk, nu sprake is van een beschikking ex art. 446 lid 2 Sv. 2. Nu betrokkene bij instellen hoger beroep haar persoonsgegevens niet bekend heeft gemaakt, had de rechtbank dat beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren.
HR 01-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1345
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, T.B. Trotman
- Zaaknummer
23/02786 B
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1345, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:629, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑06‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 23‑10‑2023
- Wetingang
Essentie
OM-cassatie. 1. Er is sprake van een beschikking als bedoeld in art. 446 lid 2 Sv. Het cassatieberoep van het openbaar ministerie is daarom ontvankelijk. 2. Nu de betrokkene bij het instellen van het hoger beroep haar persoonsgegevens niet bekend heeft gemaakt, had de rechtbank het hoger beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren.
Samenvatting
- 1.
De beslissing van de rechtbank strekt ertoe dat — anders dan door de rechter-commissaris is beslist — de vordering van de officier van justitie niet wordt toegewezen. Daarmee is sprake van een beschikking ex art. 446 lid 2 Sv. Het cassatieberoep ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.