Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/4.4
4.4 Faillissementsrecht in de VS
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS409061:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie Romano 1993, p. 14 e.v.
Dat neemt niet weg dat statelijk recht wel een rol kan spelen in faillissementsprocedures; zo wordt bijvoorbeeld het statelijk goederenrecht toegepast en kan het statelijk recht een rol spelen bij de beoordeling van de vorderingen van crediteuren. Daarnaast is er ook een aantal met de RMBCA vergelijkbare modelwetten uitgevaardigd die zien op het statelijke recht dat in faillissement relevant is (zoals bijvoorbeeld de Uniform Fraudulent Conveyance Act en Uniform Fraudulent Transfer Act – zie hoofdstuk 6).
Simkovic & Kaminetzky 2011, p. 123-124.
§ 1, lid 8, sub 4 USC.
De debtor-in-possesion beschikt bijna over alle bevoegdheden die een curator (trustee) heeft.
Het Amerikaanse vennootschapsrecht biedt weinig bescherming aan andere stakeholders van de vennootschap dan haar aandeelhouders en bestuurders. Zo speelt de bescherming van crediteuren in de vennootschapsrechtelijke regels een beperkte rol. In de juridische literatuur wordt betoogd dat dit komt omdat het vennootschapsrecht statelijk geregeld wordt, en er daarom competitie bestaat tussen de verschillende staten om ondernemingen aan te trekken. Aangezien doorgaans de aandeelhouders beslissen in welke staat een vennootschap wordt opgericht, en daarmee welk recht daarop van toepassing zal zijn, zou het vennootschapsrecht meer gericht zijn op de belangen van de aandeelhouders dan op die van de schuldeisers.1
Anders dan het vennootschapsrecht is het Amerikaanse faillissementsrecht federaal geregeld en daarom kent dat bovenstaande dynamiek niet.2 Daarom ontlenen crediteuren van de vennootschap in de Verenigde Staten primair bescherming aan het faillissementsrecht. Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor fraudulent transfer law:
Simkovic & Kaminetzky merken hierover op:
“Fraudulent transfer law fills an important gap in U.S. regulations of corporations. Although corporate law makes limited liability widely available and inexpensive for businesses, it has relatively few mechanisms to prevent excessive and socially destructive risk taking.”3
De Amerikaanse grondwet geeft het Congres expliciet de bevoegdheid “to establish laws on the subject of Bankruptcies throughout the United States”.4 Veruit de belangrijkste federale rechtsbron is daarbij de in 1801 in werking getreden Bankruptcy Code (BC). De twee insolventieprocedures die voor het onderhavige onderzoek het belangrijkst zijn, zijn neergelegd in Chapter 7 en Chapter 11 van de BC. Chapter 7 ziet op de liquidatie van het vermogen van de debiteur en is vergelijkbaar met de Nederlandse faillissementsprocedure. De trustee in bankruptcy neemt daarin een positie in die vergelijkbaar is met de Nederlandse curator; hij kan de onderneming tijdelijk voortzetten met het oog op een doorstart of liquidatie. De procedure in Chapter 11 heeft ten doel het vermogen van de debiteur te reorganiseren door middel van een aan de crediteuren en aandeelhouders te presenteren reorganisatieplan. In afwijking van het Nederlandse recht behoudt het bestuur van de vennootschap onder Chapter 11 meestal haar positie (het beginsel van debtor-inpossession). 5 De crediteuren beschikken over de mogelijkheid om een Creditors’ Committeeop te richten dat hun belangen zal behartigen; daarvan wordt in het bijzonder veel gebruik gemaakt door ongesecureerde crediteuren.