NJ 2021/204
Arbeidsrecht. Verschuldigdheid contractuele ontslagvergoeding; geen recht op billijke vergoeding.
Rb. Amsterdam 08-12-2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:7240
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
8 december 2020
- Magistraten
Mr. M.V. Ulrici
- Zaaknummer
8549603 CV VERZ 20-9551
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS271086:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2020:7240, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 08‑12‑2020
- Wetingang
Art. 6:248 lid 2, art. 7:673, 7:682 lid 3 BW; art. 96 Rv
Essentie
Arbeidsrecht. Verschuldigdheid contractuele ontslagvergoeding; geen recht op billijke vergoeding.
Samenvatting
De kantonrechter acht het niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat chief executive officer (CEO) een beroep doet op de contractueel geregelde beëindigingvergoeding. Dat de vennootschap zich gedwongen voelde om de voorwaarde te accepteren dat de CEO de vennootschap zou verlaten zonder enige vergoeding, welke voorwaarde de Staat had verbonden aan financiële steunverlening aan de vennootschap, maakt dat niet anders. Een billijke vergoeding is niet verschuldigd.
Partij(en)
Vonnis van de kantonrechter in het verzoek ex artikel 96 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van: [verzoeker ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.