Einde inhoudsopgave
Publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen (IVOR nr. 74) 2010/10.2.0
10.2.0 Introductie
mr. J.B.S. Hijink, datum 16-09-2010
- Datum
16-09-2010
- Auteur
mr. J.B.S. Hijink
- JCDI
JCDI:ADS582677:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie § 3.4 van hoofdstuk 9. Daarin is als reden genoemd dat sprake moet zijn van 'marktfalen', onwil of onkunde van lidstaten om een nationaal niveau een onderwerp te regelen, waarbij de opbrengsten van Europese interventie groter moten zijn dan de kosten daarvan.
Vgl. de vierde overweging bij de IAS-verordening. Daarin wordt opgemerkt dat '[m]et deze verordening wordt beoogd bij te dragen tot de efficiënte en kosteneffectieve werking van de kapitaalmarkt.' Zie ook p. 6-7 van het FSAP: [v]ergelijkbare, transparante en betrouwbare financiële informatie vormt de hoeksteen van een efficiënte en geïntegreerde kapitaalmarkt.' Moloney (2002), p. 129-140, in het bijzonder p. 129-130, merkt op dat ook uit de vorige generatie effectenrechtelijke richtlijnen op het terrein van de publicatieverplichtingen al kon worden afgeleid dat integratie van de effectenmarkten het belangrijkste doel van de publicatieverplichtingen was aldus. Op welke wijze eenvormige publicatieverplichtingen bijdragen aan de ontwikkeling van de effectenmarkten, bespreek ik in de volgende paragraaf.
Zie § 2 van hoofdstuk 5 van deze studie.
Het voorgaande verklaart niet waarom de Europese wet- en regelgever en de federale Amerikaanse overheid zichzelf een rol hebben toebedeeld bij de vormgeving van de publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen. De verklaring dáárvoor bestaat uit een tweetal, op elkaar voortbouwende, rechtvaardigingsgronden. Deze vertonen een sterke gelijkenis met de rechtvaardigingsgronden voor Europese harmoniserende regelgeving op het terrein van het vennootschapsrecht.1
De eerste rechtvaardigingsgrond voor de Europese harmonisering en Amerikaanse federalisering van de publicatieverplichtingen is dat de publicatieverplichtingen een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van de kapitaalmarkten. Meer in het bijzonder bij de ontwikkeling van "diepe" en goed functionerende effectenmarkten.2 Uit de nauwe samenhang tussen beter ontwikkelde kapitaalmarkten en economische groei3 volgt dat het belang van ontwikkelde kapitaalmarkten toeneemt. Mede om deze reden ligt aan het FSAP de ambitie ten grondslag om, kort gezegd, EU-brede kapitaalmarkten en een geïntegreerde effectenmarkt tot stand te brengen. Daarbij wordt tevens de rol van de publicatieverplichtingen benadrukt. In het verlengde hiervan ligt de tweede rechtvaardigingsgrond. Het belang van een "diepe" en goed functionerende effectenmarkt — en het belang van vorming daarvan — stijgt uit boven de belangen van individuele (lid)staten.