De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/1.0:1.0 Introductie
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/1.0
1.0 Introductie
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS367889:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit onderzoek is gericht op rechtvaardigheid en doelbereik bij de comparitie na antwoord. Deze zitting is tegenwoordig een centraal onderdeel van de Nederlandse civiele procedure. Het is vaak het enige moment tijdens de procedure in eerste aanleg waarop partijen en advocaten direct contact hebben met de rechter.
Voorbeeld 11
De familie Pietersen en de familie Dijkstra zijn al lange tijd buren. Aanvankelijk konden zij het goed met elkaar vinden, maar na enige tijd ontstond er discussie over de erfafscheiding tussen de twee tuinen. Zij hebben verschillende pogingen ondernomen om hiervoor samen een oplossing te vinden, maar dergelijke pogingen liepen steeds uit op ruzie. Daardoor is de onderlinge verhouding dusdanig verslechterd dat ze op dit moment niet meer met elkaar praten. Meneer Dijkstra vindt dat de maat vol is en besluit hun geschil aan de rechter voor te leggen. De rechtbank gelast, na dagvaarding en conclusie van antwoord, een comparitie na antwoord. Hierbij zijn beide partijen met hun advocaat aanwezig.
Aan het begin van de zitting legt de rechter uit wat de doelen van de zitting zijn: de rechter wil inlichtingen verkrijgen van de partijen en hij zal onderzoeken of er mogelijkheden zijn voor een regeling. Verder vertelt hij de aanwezigen dat hij de partijen een aantal vragen zal stellen en dat hij graag hun visie op de zaak wil horen. Daarnaast zullen beide advocaten gelegenheid krijgen om enige toelichting op de zaak te geven. De zitting verloopt zoals de rechter heeft aangekondigd. De rechter stelt partijen verschillende vragen en beide partijen en advocaten krijgen voldoende tijd om de rechter te informeren over de zaak. De rechter luistert aandachtig naar hen. Verder worden de schikkingsmogelijkheden afgetast, maar partijen komen er uiteindelijk samen niet uit.
Hoe keken de familie Pietersen en de familie Dijkstra terug op deze zitting? Beide families gaven na afloop van de zitting aan, tevreden te zijn over de manier waarop zij door de rechter waren behandeld. Ze hadden het gevoel, dat zij over de zaak alles konden zeggen wat zij wilden, zonder dat de rechter hen daarbij onderbrak. Verder gaven de familie Dijkstra en de advocaat van de familie Pietersen aan, dat de rechter hen serieus had genomen. De advocaat van de familie Dijkstra merkte op dat de rechter niet neerbuigend of betweterig was. Ten slotte vonden de familie Pietersen en de advocaat van de familie Dijkstra, dat de rechter op een open en begrijpelijke manier vragen aan hen gesteld had.
Voorbeeld 22
Meneer van Broekhoeven en mevrouw De Bruijn zijn enkele jaren geleden gescheiden, maar zijn het nog steeds niet eens over de boedelverdeling. Meneer Van Broekhoven maakt de zaak daarom aanhangig bij de rechtbank. Na een eerste schriftelijke ronde gelast de rechtbank een comparitie na antwoord voor het verkrijgen van inlichtingen en het beproeven van een schikking. Meneer Van Broekhoven en mevrouw De Bruijn komen op de afgesproken dag naar de rechtbank, vergezeld door hun advocaten. Tijdens de zitting stelt de rechter partijen een aantal vragen. Mevrouw De Bruijn krijgt voldoende gelegenheid om haar visie op de zaak te geven. Meneer Van Broekhoven probeert dit ook verschillende keren te doen, maar slaagt daar niet in. Iedere keer dat hij iets probeert te zeggen, zegt de rechter dingen als ‘nee, u mag nu niets zeggen’, `meneer, nu moet u echt uw mond houden’ en ‘van deze punten heeft u geen verstand, meneer’. Er wordt tijdens de zitting geen schikking bereikt.
Hoe keek meneer Van Broekhoven terug op deze zitting? Zijn ervaringen waren niet positief. Na afloop gaf hij aan, niet tevreden en zelfs teleurgesteld te zijn, omdat hij zijn verhaal niet had mogen doen en de rechter hem steeds opnieuw de mond had gesnoerd. Verder vond hij de rechter bevooroordeeld en kwalificeerde hij de manier waarop de rechter hem benaderde als vijandig. ‘De rechter snauwde en had de pik op mij’ waren zijn letterlijke woorden. De gang van zaken tijdens de zitting was daarom volgens hem niet rechtvaardig.
De twee hierboven beschreven zittingen hebben begin 2007 daadwerkelijk plaatsgevonden en maakten deel uit van de 150 onderzochte zaken bij de Rechtbanken ‘s-Hertogenbosch en Utrecht. Hierbij moet worden opgemerkt, dat de manier waarop de rechter in het tweede voorbeeld meneer van Broekhoeven behandelde uitzonderlijk (negatief) was voor de onderzochte zaken. In beide zaken was de uitkomst nog niet bekend op het moment dat de procesdeelnemers gevraagd werd hoe zij de zitting ervaren hadden. De voorbeelden illustreren, dat partijen, los van de uitkomst, duidelijke opvattingen hebben over de gang van zaken tijdens een zitting. Dit sluit aan bij een groot aantal sociaal-wetenschappelijke studies naar rechtvaardigheid dat aantoont dat deelnemers van een procedure niet alleen de uitkomst belangrijk vinden, maar ook waarde hechten aan de procedure als zodanig. In dit rapport neemt de ervaren rechtvaardigheid van de zitting een centrale plaats in.