Vp-bulletin 2020/10
Inkomstenbelasting. Na overlijden betaalde uitgaven voor gezinshulp en apotheekkosten zijn niet als specifieke zorgkosten aftrekbaar bij erflaatster.
HR 06-12-2019, ECLI:NL:HR:2019:1905, m.nt. mw. S.G.M.J. Rebbens MSc. en J.M.P. Tobben MSc. LLM
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 december 2019
- Zaaknummer
19/00788
- Noot
mw. S.G.M.J. Rebbens MSc. en J.M.P. Tobben MSc. LLM
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS189021:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:1905, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑12‑2019
ECLI:NL:PHR:2019:1027, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑10‑2019
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑03‑2019
Essentie
Inkomstenbelasting. Na overlijden betaalde uitgaven voor gezinshulp en apotheekkosten zijn niet als specifieke zorgkosten aftrekbaar bij erflaatster.
Uitspraak
(Publicatiedatum op www.rechtspraak.nl: 6 december 2019)
Inleiding
In artikel 6.1 Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001) is bepaald dat de persoonsgebonden aftrek bestaat uit het gezamenlijke bedrag van de in het kalenderjaar op de belastingplichtige drukkende persoonsgebonden aftrekposten én het gedeelte van de persoonsgebonden aftrek dat in voorgaande jaren niet in aanmerking is genomen. Als persoonsgebonden aftrekposten worden onder meer uitgaven voor specifieke zorgkosten aangemerkt.
Artikel 6.40, lid 1, onderdeel a, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.