Financiële controle in het gemeenterecht
Einde inhoudsopgave
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/4.5.2.1:4.5.2.1 Eisen aan accountantsorganisaties
Financiële controle in het gemeenterecht (Dissertatieserie Vakgroep Staatsrecht Groningen) 2011/4.5.2.1
4.5.2.1 Eisen aan accountantsorganisaties
Documentgegevens:
dr. W. van der Woude, datum 21-09-2011
- Datum
21-09-2011
- Auteur
dr. W. van der Woude
- Vakgebied(en)
Overheidsfinanciën (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Beleidsregel 06-01 inzake de betrouwbaarheidstoetsing van (kandidaat)(mede)beleidsbepalers van accountantsorganisaties, Stut. 29 september 2006, nr. 190, p. 30.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De eisen die worden gesteld aan accountantsorganisaties, vallen uiteen in eisen aan de dagelijks leidinggevenden, eisen met betrekking tot de kwaliteitsbeheersing en onafhankelijkheidseisen.
De betrouwbaarheid van de personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisaties bepalen, dient volgens art. 15 Wta 'buiten twijfel te staan'. Art. 5 Bta stelt vast dat de AFM exclusief bevoegd is deze betrouwbaarheid te toetsen. Ten behoeve van de invulling van deze toetsing heeft de AFM in 2006 de `Beleidsregel inzake de betrouwbaarheidstoetsing van (kandidaat)(mede)beleidsbepalers van accountantsorganisaties' uitgevaardigd.1
Een volgende eis aan de accountantsorganisaties is het hanteren van een `stelsel van kwaliteitsbeheersing'. De wet gaat hierin niet veel verder dan dat de werkzaamheden in het kader van een wettelijke controle altijd plaatsvinden onder verantwoordelijkheid van een externe accountant (art. 18 Wta). Daartoe uitgenodigd door art. 18 lid 3 Wta geeft het Bta een uitvoeriger regeling ten aanzien van het stelsel van kwaliteitsbeheersing. Volgens de artikelen 8 tot en met 26 van deze amvb voorziet het stelsel van kwaliteitsbeheersing in de eerste plaats in de vastlegging en standaardisering van de controlewerkzaamheden in cliëntenadministraties, afzonderlijke controledossiers en standaarden. Daarnaast dient het stelsel van kwaliteitsbeheersing zodanig te zijn ingericht dat de externe accountant zijn controle goed kan uitvoeren. Dit houdt onder meer in dat de accountantsorganisatie de controlerende accountant voldoende tijd, middelen en personeel ter beschikking moet stellen (art. 15 Bta).
Ten aanzien van de onafhankelijkheid van de accountantsorganisaties verwijst art. 19 Wta naar de bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels. Deze regels kunnen worden gevonden in hoofdstuk 6 van het Bta. De meest in het oog springende van deze regels is neergelegd in art. 29 Bta, dat bepaalt dat vergoedingen voor wettelijke controles niet afhankelijk mogen worden gesteld van aanvullende diensten die de accountantsorganisatie aan dezelfde cliënt levert of van de strekking van de af te geven accountantsverklaring.