De notaris en gelijk oversteken
Einde inhoudsopgave
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/3.3:3.3 Andere mogelijkheid tot conserveren van vermogensbestanddelen naar huidig recht
De notaris en gelijk oversteken (AN nr. 184) 2024/3.3
3.3 Andere mogelijkheid tot conserveren van vermogensbestanddelen naar huidig recht
Documentgegevens:
mr. T.J. Bos, datum 01-05-2023
- Datum
01-05-2023
- Auteur
mr. T.J. Bos
- JCDI
JCDI:ADS941746:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijv. S.E. Bartels, ‘Voorwaardelijke eigendom en relatieve beschikkingsbevoegdheid’, in: B.W.M. Nieskens-Isphording, E.M. Hemmen & T.H.D. Struycken, Discussies omtrent beslag, verhaal en beschikkingsbevoegdheid, Deventer: W.E.J. Tjeenk Willink 1997, p. 81 en 102 en L.A.G.M. van der Geld, I. Visser & L.C.A. Verstappen, ‘Een alternatieve werkwijze voor de overdracht van onroerende zaken’, WPNR 2016/7118.
HR 3 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1046, NJ 2016/290, m.nt. F.M.J. Verstijlen (Rabo/Reuser).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast de reeds besproken toepassingen van de conservatietechniek, verdient een derde mogelijkheid aandacht, namelijk de voorwaardelijke beschikking. Ook bij de voorwaardelijke beschikking wordt vermogensrechtelijk geconserveerd, waarbij – vanaf het moment dat door B voorwaardelijk is geleverd aan A – niet langer effectief kan worden beschikt over het goed ten gunste van een derde en schuldeisers van verkoper B niet langer effectief greep hebben op het goed als verhaalsobject. Het woord effectief is gecursiveerd omdat, indien B een goed aan A overdraagt onder de opschortende voorwaarde van betaling van de koopprijs, schuldeisers van B tot het moment van betaling juridisch-technisch gezien zich kunnen verhalen op een goed onder ontbindende voorwaarde. Bij betaling treedt de voorwaarde echter in werking en verdwijnt het verhaalsobject van de schuldeisers. Hetzelfde geldt mutatis mutandis, behoudens de toepasselijkheid derdenbeschermingsbepalingen, indien de B na de voorwaardelijke overdracht nogmaals beschikt over het goed ten gunste van een derde.
Dat de voorwaardelijke overdracht bij onroerende zaken een met de Vormerkung vergelijkbaar resultaat weet te bewerkstelligen (in de zin van goederenrechtelijke bescherming voor de koper), is reeds opgemerkt in de literatuur.1 Het verdient opmerking dat de voorwaardelijke beschikking naar huidig recht welbeschouwd zelfs een flexibeler wijze van conserveren dan de Vormerkung inhoudt, bijvoorbeeld voor wat betreft het toepassingsbereik. De Vormerkung kan louter worden gebruikt bij de koop van registergoederen terwijl de voorwaardelijke beschikking betrekking kan hebben op iedere goederenrechtelijke beschikkingshandeling bij alle typen goederen. Toch is de voorwaardelijke beschikking niet een in de praktijk algemeen aanvaardde werkwijze. Een verklaring daarvoor kan zijn dat pas sinds Rabo/Reuser de vereiste dogmatische duidelijkheid bestaat die een rechtsfiguur vergt om in de praktijk frequente toepassing te vinden.2 De Vormerkung daarentegen (a) bestaat al sinds 2003, (b) kent een wettelijke regeling voor wat betreft haar derdenwerking, (c) kent een uitgebreidere dogmatische achtergrond over de gevolgen van beslag op de verkochte onroerende zaak dan wel op de koopsom en (d) kent een equivalent in bijna alle omringende jurisdicties.