WR 2025/73
Kwalificatie gemengde huurovereenkomst – bedrijfsruimte: geen splitsing; zwaartepunt gebruik art. 7:230a BW
Hof Den Haag 03-12-2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:2617
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
3 december 2024
- Magistraten
Mrs. A.E.A.M. van Waesberghe, J.E.H.M. Pinckaers en J.N. de Blécourt
- Zaaknummer
200.343.065/01
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD13549:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Huurrecht / Huur van bedrijfsruimte
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2024:2617, Uitspraak, Hof Den Haag, 03‑12‑2024
- Wetingang
Art. 7:230a, 7:290 en 7:294 BW
Essentie
Kwalificatie gemengde huurovereenkomst – bedrijfsruimte: geen splitsing; zwaartepunt gebruik art. 7:230a BW
Samenvatting
Deze zaak gaat over de opzegging van de huur van een bedrijfsruimte in Rotterdam-Katendrecht. Volgens huurder is de opzegging nietig omdat de gronden van opzegging niet zijn vermeld, zoals vereist voor bedrijfsruimte als bedoeld in art. 7:290 BW. In reactie op de dreigende ontruiming heeft huurder verzocht om verlenging van de ontruimingstermijn o.b.v. art. 7:230a BW. Primair verzoekt huurder niet-ontvankelijk verklaard te worden, omdat volgens haar sprake is van bedrijfsruimte als bedoeld in art. 7:290 BW. De kantonrechter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.