De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/4.3.3.3:4.3.3.3 Evenredige verdeling van de controlepremie
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/4.3.3.3
4.3.3.3 Evenredige verdeling van de controlepremie
Documentgegevens:
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS366314:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Minder duidelijk is of de evenredige verdeling van de controlepremie een biedplicht bij acting in concert kan rechtvaardigen.1 In veel gevallen waarin gezamenlijk de controle wordt verworven, zal geen premie worden betaald (vgl. eerder § 4.2.2.3). Bij controleverwerving als gevolg van het sluiten van een stemovereenkomst is een premie bijvoorbeeld niet ondenkbaar, maar in de meeste gevallen zal dat niet het geval zijn. In de eerste plaats omdat er bij een stemovereenkomst geen aandelen worden overgedragen en er dus niets betaald wordt, ook geen premie. In de tweede plaats zal een premie vaak niet aan de orde zijn omdat door een stemovereenkomst niet een partij de controle verwerft, maar veeleer een vorm van gedeelde controle ontstaat. Uiteraard zijn er ook gevallen waarin een partij bij een stemovereenkomst zich wel tegen een vergoeding onderwerpt aan de wens van zijn wederpartij – men spreekt dan van stemmenkoop (§ 2.2.6) – maar, men kan zich afvragen of de geboden vergoeding daadwerkelijk zal afhangen van het verkrijgen van de controle.
Mogelijk verklaart de gedachte dat de controlepremie evenredig verdeeld moet worden waarom sommige lidstaten voor het ontstaan van een biedplicht wegens acting in concert steeds een bijkomende verwerving van effecten vereisen (§ 13.2.2).2 Het sluiten van een stemovereenkomst leidt op zichzelf nog niet tot een biedplicht. Achterliggende gedachte daarbij zou kunnen zijn dat met het sluiten van een overeenkomst geen controlepremie gemoeid is (zie eerder). Maar, zelfs als dit de verklaring is voor de eis van een bijkomende verwerving dan wil dat nog niet zeggen dat in geval van een aanvullende verwerving steeds een controlepremie wordt betaald. Sterker nog, in dat geval ligt een controlepremie nog minder voor de hand. Immers, door de stemovereenkomst hebben de samenwerkende aandeelhouders al de controle verworven; bij de aanvullende verwerving, langs welke weg dan ook, zal dan geen premie meer betaald worden.
Ten slotte, een interessante gedachte is of het niet-betalen van een controlepremie bij samenwerking tussen aandeelhouders op zichzelf benadeling van minderheidsaandeelhouders vormt. Ik zou daar niet van uit willen gaan. De Overnamerichtlijn is, net als de voordien reeds bestaande nationale verplicht bod-regelingen, gericht op de verdeling van een eventueel betaalde controlepremie en strekt niet tot het in alle gevallen bieden van een premie (zie ook § 4.3.4.4). Zou men willen dat in alle gevallen een premie betaald wordt, dan zijn verdergaande maatregelen dan de biedplicht nodig.