De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/9.3.2.1:9.3.2.1 Gedragscodes voor rechters
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/9.3.2.1
9.3.2.1 Gedragscodes voor rechters
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS370253:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie: www.abanet.org/judicialethics.
Dit zou kunnen gebeuren in een procedure die valt onder de Judicia/ Councils Reform and Judicial Conduct and Disability Act van 1980.
Voor de Civil Litigation Management Manuel (2001), zie: http://www.fjc.gov/public/pdf.nsf/lookup/ civlitigOl.pdf/Sfile/civlitig01.pdf.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf komen achtereenvolgens de Model Code of Judicial Conduct, de Code of Conduct for United States Judges en de Civil Litigation Management Manual aan de orde. Deze gedragscodes zijn mogelijk een inspiratiebron voor het formuleren van een werkwijze voor een goede zitting.
De Model Code of Judicial Conduct (hierna: ABA model gedragscode) is door de beroepsvereniging van advocaten, de American Bar Association (ABA), opgesteld.1 De ABA model gedragscode dient als uitgangspunt voor gedragscodes die binnen de diverse staten worden opgesteld, alsmede voor de Code of Conduct for United States Judges (Gallagher, 2005). De laatste versie van de ABA model gedragscode is in februari 2007 door de House of Delegates, een soort bestuursorgaan van de ABA, goedgekeurd.
De ABA model gedragscode bestaat uit vier Canons (beginselen). Bij iedere Canon zijn een aantal Rules (regels) geformuleerd die moeten bijdragen aan de realisatie van die Canon en staan enkele Comments (opmerkingen ter toelichting) vermeld. Het beproeven van een schikking wordt expliciet genoemd in de — bij Canon 2 behorende — Rule 2.6 en Rule 2.9. In Rule 2.6 is bepaald dat de rechter partijen weliswaar mag aanmoedigen om de zaak te schikken, maar dat hij daarbij niet dusdanig te werk mag gaan, dat partijen zich gedwongen voelen te schikken. Dwangschikkingen worden dus expliciet verboden. Dit verbod wordt in een tweetal Comments nader uitgewerkt (box 52). Rule 2.9 verbiedt de rechter om afzonderlijk met één van de partijen (en diens advocaat) te communiceren, maar maakt een uitzondering voor de situatie dat dergelijke besprekingen gericht zijn op het tot stand brengen van een schikking en beide partijen hebben ingestemd met die afzonderlijke communicatie.
Box 52: Twee Comments bij Rule 2.6 van de ABA model gedragscode, waarin dwangschikkingen expliciet worden verboden
1. De rechter moet erop bedacht zijn dat hij bij het beproeven van een schikking geen inbreuk maakt op het recht van partijen om te worden gehoord. Ook moet hij zich bewust zijn van het effect dat zijn deelname bij het beproeven van een schikking kan hebben, niet alleen op zijn eigen visie van de zaak, maar ook op de percepties van partijen en advocaten als er geen schikking tot stand komt en de zaak bij diezelfde rechter blijft. Verder moet de rechter beseffen dat het beproeven van een schikking van invloed kan zijn op de (schijn van) zijn objectiviteit en onpartijdigheid. Hoe hard de rechter zijn best ook doet, er kunnen situaties ontstaan waarin de informatie, die de rechter tijdens het beproeven van een schikking verkrijgt, van invloed kan zijn op zijn besluitvorming tijdens de trial. In een dergelijke situatie moet de rechter zich afvragen of hij zich niet beter kan verschonen.
2. De rechter moet zijn werkwijze bij het beproeven van een schikking mede laten bepalen door de volgende factoren:
- Hebben partijen gevraagd om of vrijwillig ingestemd met het beproeven van een schikking door de rechter?
- Zijn partijen en advocaten goed thuis op juridisch vlak?
- Zal de trial plaatsvinden voor een rechter of een jury?
- Nemen de partijen deel aan de schikkingsonderhandelingen?
- Zijn er partijen die geen advocaat hebben?
- Gaat het om een civiele zaak of een strafzaak?
De Code of Conduct for United States Judges is gebaseerd op de hiervoor besproken ABA model gedragscode voor rechters en bevat ethische normen voor alle federale (kandidaat) rechters. De laatste versie van deze gedragscode is op 1 juli 2009 in werking getreden.2 De Code of Conduct for United States Judges is opgebouwd uit vier Canons. Het beproeven van een schikking komt expliciet aan de orde bij de subbeginselen/subregels en toelichting bij Canon 3 (box 53). Hieruit volgt dat dwangschikkingen — net als in de ABA model gedragscode — worden verboden. Verder zijn er weinig specifieke richtlijnen ten aanzien van het beproeven van een schikking in deze gedragscode voor federale rechters opgenomen. Rechters die zich niet aan de gedragscode houden, kunnen worden aangesproken op hun gedrag,3 maar de gedragscode bepaalt expliciet dat niet iedere schending tot disciplinaire maatregelen moet leiden, omdat veel bepalingen in algemene termen zijn geformuleerd die verschillend kunnen worden uitgelegd.
Box 53: De inhoud van de subbeginselen/subregels en toelichting bij Canon 3 van de Code of Conduct for United States Judges
Ten eerste is — net als in de ABA model gedragscode — een algemeen verbod voor de rechter opgenomen om afzonderlijk met één van de partijen (en diens advocaat) te communiceren, behalve als die besprekingen zijn gericht op het tot stand brengen van een schikking en beide partijen hebben ingestemd met die afzonderlijke communicatie.
Ten tweede wordt vermeld dat de rechter zijn zaken zo snel mogelijk moet afhandelen. De toelichting hierop geeft aan dat de rechter schikkingen mag aanmoedigen en faciliteren, maar dat hij daarbij niet dusdanig te werk mag gaan dat hij een partij dwingt tot het opgeven van zijn recht om zijn geschil door de rechtbank te laten oplossen. Ook wordt in de toelichting opgemerkt dat de rechter zijn zaken weliswaar zo snel mogelijk, efficiënt en rechtvaardig moet afhandelen, maar dat hij daarbij wel moeten laten zien dat hij oog heeft voor het recht van partijen om gehoord te worden en hun recht op een oplossing zonder onnodige kosten of vertraging. Een rechter moet zijn zaken in de gaten houden zodat trage praktijken, vermijdbare vertragingen en onnodige kosten kunnen worden verminderd of voorkomen.
Ten slotte is de Civil Litigation Management Manual in maart 2001 goedgekeurd door de Judicial Conference of the United States, een soort beleidsorgaan binnen de rechterlijke macht.4 Dit handboek is geschreven voor rechters om ‘een rechtvaardige, snelle en goedkope beëindiging van iedere vordering te bewerkstelligen’. Het handboek is geschreven als antwoord op de behoefte van veel rechters om te leren van de wijze waarop andere rechters hun case management aanpakken.
Het handboek beschrijft goede manieren van case management voor de gehele civiele procedure. Ik ga hier echter alleen in op wat het handboek zegt over het beproeven van een schikking
Het handboek geeft aan, dat rechters het onderwerp ‘schikken’ het beste zo vroeg mogelijk in de procedure — bij voorkeur reeds voorafgaand aan de discovery — ter sprake kunnen brengen en hier regelmatig, liefst bij iedere pretrial conference, op terug kunnen komen. Verder geeft het handboek aan, dat het bij het faciliteren van een schikking essentieel is voor rechters om goed voorbereid te zijn en goed te luisteren. Achterhalen wat partijen werkelijk bezighoudt is volgens het handboek zeker zo belangrijk als het analyseren van juridische kwesties. De rechter zou daarom bijvoorbeeld kunnen beginnen met aan eiser de vraag te stellen wat hij precies wil van gedaagde. Ten slotte doet het handboek een aantal concrete suggesties voor het beproeven van een schikking tijdens de zitting (box 54)
Box 54: Een aantal concrete suggesties voor het faciliteren van een schikking uit de Civil Litigation Management Manual
- Bespreek met partijen de mogelijke risico’s in de zaak voor ieder van hen.
- Verzoek beide advocaten om, in aanwezigheid van de partijen, in te schatten hoeveel de bijstand voor hun eigen cliënt tot het eind van de procedure zal kosten.
- Ondersteun partijen om zich te concentreren op de onderliggende belangen in plaats van op de feiten en standpunten.
- Als beide partijen bedrijven zijn, stel partijen dan voor om als zakenmensen met elkaar, en zonder de advocaten, te onderhandelen.
- Noem geen mogelijke schikkingsbedragen totdat een range van mogelijke schikkingsbedragen duidelijk is.
- Zoek naar creatieve oplossingen, zoals excuses, het betalen in termijnen en het uitvoeren van herstelwerkzaamheden.
- Bespreek een schikking in een taal die partijen begrijpen.
- Biedt partijen een structuur voor hun schikkingsonderhandelingen aan (door bijvoorbeeld voor te stellen dat de eiser als eerste een voorstel doet) als beide terughoudend zijn om als eerste een voorstel te doen.
- Confronteer partijen met de werkelijkheid, zoals de situatie dat een gedaagde financieel niet in staat zal zijn om aan een veroordelend vonnis te voldoen.
- Probeer in ieder geval op deelaspecten een schikking te bewerkstelligen.
- Geef tijdens de zitting niet te snel een (voorlopig) oordeel over de zaak. Dat verhoogt de geloofwaardigheid en effectiviteit van de rechter. Anderzijds is het wel zo, dat veel advocaten de voorkeur geven aan een rechter die zich actief opstelt, goed op de hoogte is van de feiten en het toepasselijke recht, zijn oordeel geeft over de standpunten van beide partijen en een voorstel doet voor een mogelijke oplossing.