Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/15.3.3.4:15.3.3.4 Evaluatie
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/15.3.3.4
15.3.3.4 Evaluatie
Documentgegevens:
mr. J. Vleggeert, datum 01-11-2008
- Datum
01-11-2008
- Auteur
mr. J. Vleggeert
- JCDI
JCDI:ADS300813:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de inleiding zijn drie randvoorwaarden verbonden aan een aftrekbeperking van de rente. In de eerste plaats moet de voorgestelde maatregel in overeenstemming zijn met de in de inleiding genoemde internationale regels. Het voorgestelde art. 10d is naar mijn mening in overeenstemming met art. 9 OESO-modelverdrag zoals deze bepaling moet worden uitgelegd volgens het commentaar. De bepaling maakt namelijk geen onderscheid tussen de rente op schulden aan groepsvennootschappen en de rente op schulden aan onafhankelijke derden. Wat betreft de kwestie of de voorgestelde aanpak in overeenstemming is met de vrijheid van vestiging wordt verwezen naar paragraaf 15.2.2.5.b.
Het voorgestelde art. 10, lid 1, onderdeel d, maakt geen onderscheid tussen schulden aan een gelieerde en een ongelieerde crediteur. Art. 9 OESO-model-verdrag kan dan naar zijn aard niet van toepassing zijn. Evenmin wordt een onderscheid gemaakt tussen binnenlandse en grensoverschrijdende situaties. Het voorgestelde art. 10, lid 1, onderdeel d, is daarom in overeenstemming met de vrijheden.
Aan een aftrekbeperking van de rente is daarnaast in de inleiding de randvoorwaarde gesteld dat economisch dubbele belastingheffing over de rente in binnenlandse verhoudingen moet worden vermeden. Wanneer het concern louter uit Nederlandse groepsvennootschappen bestaat, wordt de rente in de capital allocation approach slechts één keer in de heffing van de vennootschapsbelasting betrokken. Een beperking van de aftrek van de rente bij concernvennootschappen die zijn ondergekapitaliseerd wordt namelijk gecompenseerd door een extra aftrek van de rente bij concernvennootschappen die zijn overgekapitaliseerd. Ten aanzien van hybride schulden wordt economisch dubbele belastingheffing over de rente in binnenlandse verhoudingen vermeden doordat tegenover de aftrekbeperking bij de debiteur een vrijstelling van de rente bij de crediteur staat.
Tenslotte moet de nieuwe regeling intern consistent zijn. In deze toets wordt verondersteld dat de nieuwe regeling niet alleen geldt in Nederland maar ook in het buitenland. De regeling is dan intern consistent indien uitgaande van die fictie ook in de grensoverschrijdende situatie geen economisch dubbele belastingheffing over de rente optreedt. Dat is het geval aangezien de voorgestelde maatregelen geen onderscheid maken tussen binnenlandse en grensoverschrijdende situaties.