Prg. 2021/9
Werkgever wordt na dienstverband geconfronteerd met een loonvordering van ruim € 50.000 voor aanwezigheidsuren. Een wettelijke verhoging is niet op zijn plaats.
Hof Arnhem-Leeuwarden 17-11-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9450
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
17 november 2020
- Magistraten
Mrs. M.A.M. Vaessen, P.P.M. Rousseau, A. van Zanten-Baris
- Zaaknummer
200.252.221
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2020:9450, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 17‑11‑2020
- Wetingang
Art. 7:625 BW
Essentie
Arbeidsrecht. Na einde dienstverband vordert werkneemster € 50.000 achterstallig salaris voor aanwezigheidsuren. Maakt zij ook aanspraak op wettelijke verhoging?
Nee. Partijen hebben langdurig met elkaar gewerkt en werkgever wordt pas achteraf geconfronteerd met loon voor aanwezigheidsuren. Wettelijke verhoging niet op zijn plaats.
Samenvatting
Om de verpleging van hun vader te regelen, richten de kinderen een stichting op. Werkneemster sluit een oproepovereenkomst met de stichting en woont bij vader in, alwaar zij dagelijks van 12:00 uur tot 22:00 uur huishoudelijke en verzorgende werkzaamheden verricht en ’s nachts tussen 22:00 en 09:00 aanwezig dient te zijn. Na het dienstverband stelt werkneemster ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.